Politieke partijen als zwakke schakel
Politieke partijen vormen de verbinding tussen het openbaar bestuur en de samenleving. Maar de verbinding hapert. De opkomst bij verkiezingen daalt, behalve als er echt een duidelijk gevecht om de macht is. Er is een groot verloop onder raadsleden. De gemeenteraad heeft steeds minder ‘geheugen’. Het systeem maakt een instabiele indruk: veel wethouders en burgemeesters sneuvelen op het politieke veld. En dat is lang niet altijd een veld van eer, zei Jacques Wallage onlangs op het Festival van het Binnenlands Bestuur. Hierbij de tekst van zijn toespraak.
De verantwoordelijkheid voor de selectie van politici en bestuurders berust bij politieke partijen. Maar er komt steeds meer twijfel of die deze weelde wel kunnen dragen. Slechts 2,5 % van de bevolking is lid van een politieke partij, slechts 10% van hen is daar ook actief: we vissen onze vertegenwoordigers dus uit een hele kleine vijver.
Weliswaar hoort Nederland nog bij de landen waar de bevolking veel vertrouwen heeft in de democratie, maar het vertrouwen in politici en politieke partijen loopt fors terug. Zeker als we in de beoordeling van dit teruglopend vertrouwen het opleidingsniveau van de burger betrekken. Er is echt sprake van een diplomademocratie. Opkomstcijfers en gemiddelde vertrouwenscijfers bedekken dit harde feit: hoe minder opleiding, hoe meer wantrouwen, hoe meer opleiding des te meer deelname en vertrouwen.
Als partijen de verbinding moeizaam leggen kijken ze steeds vaker naar binnen, naar hun leiding, naar hun programma, naar hun campagnes. Maar de belangrijkste oorzaken liggen dieper. Het land en gemeente en provincie wordt bestuurd door middel van verticale organisaties. Gemeentehuizen, departementen, het zijn hiërarchische organisaties, de werkelijkheid wordt er in stukjes geknipt, ‘taakvelden’,’dossiers’,’deskundigen’. Deze organisaties zijn sterk product gericht: nota’s, plannen, moties. De aansturing vindt plaats op basis van formele afspraken. Na verkiezingen vindt coalitievorming plaats, die bezegeld wordt in een program. Het politieke bestuur zorgt ervoor dat de ambtelijke organisatie dat program gaat uitvoeren. In zekere zin moet de werkelijkheid zich aan dat program aanpassen. Die sturing brengt een geheel eigen cultuur met zich mee: bestuurders willen de werkelijkheid beheersen op basis van regels.
Andere wereld
Maar buiten, in de echte wereld, is sprake van horizontale verhoudingen. In die horizontale wereld wil je de ander niet zozeer beheersen, maar wil je overtuigen en overtuigd worden. Daar is – dankzij internet – snelle, vaak gelijkwaardige communicatie. De huisarts vindt een patiënt tegenover zich met een Google-uitdraai: ‘Dokter, ik geloof toch dat ik iets anders heb dan u vorige keer zei…’ Wie als raadslid op een buurtvergadering zegt: ‘Ja, ik begrijp uw bezwaar, maar het staat nu eenmaal in het collegeprogram’, komt met dat verticale antwoord niet ver in de horizontale wereld. In die wereld wil men de werkelijkheid niet dichtgeregeld hebben, maar wil men tenminste een dialoog op basis van de feiten. De bestuurscultuur maakt van de burgers toeschouwers, terwijl zij in het dagelijks leven steeds vaker deelnemer kunnen zijn.
Burgers vormen hun mening nauwelijks meer in politieke partijen, maar in de publieke ruimte. Noch hun lidmaatschap van een partij, noch dat van een vakbond of een kerk bepaalt hun opvattingen. Ze kunnen op woensdag hun stem uitbrengen, maar willen op donderdag de partij van hun keuze over de knie kunnen leggen. Ze geven wel richting met hun stem, maar eigenlijk geven ze geen mandaat meer. Ze willen baas blijven over hun eigen opvatting. En ze beoordelen hun politieke bestuur steeds meer op de normen die ze zelf in de horizontale wereld gebruiken. Daarom is de manier waarop de gemeente burgers behandelt net zo belangrijk als de inhoud van het concrete voorstel. Product en proces moeten in balans komen. Als ik (als burgemeester) op woedende mailtjes persoonlijk reageerde bleef vaak het meningsverschil bestaan, maar de waardering voor het feit dat je reageert en serieus op de argumenten in gaat werd steeds zichtbaar.
Niet het bord volschrijven
De verbinding tussen de verticale en de horizontale wereld moet worden versterkt. Niet door mensen naar de mond te praten, maar door een betekenisvolle dialoog, waarin argumenten serieus worden genomen. Het vraagt van de politiek niet het hele bord vol te schrijven, ruimte te laten voor de consequenties van zo’n dialoog. Politieke partijen missen eenvoudig de legitimiteit om - zonder dat ze burgers werkelijk overtuigen - door te drukken op basis van een eenmaal gegeven mandaat. Deze dialoog op basis van de feiten betekent ook dat schijnvertoningen, zoals inspraak bij bestemmingsplannen, zeer kritisch tegen het licht moeten worden gehouden. Te vaak stelt de overheid vragen terwijl men in het geheel niet in het antwoord geïnteresseerd is.
Politieke partijen zijn kwetsbare schakels geworden tussen burger en openbaar bestuur omdat ze qua werkwijze en cultuur gezien worden als een onderdeel van de verticale wereld, de wereld van de overheid, van de regels, van het ondoorgrondelijke spel. Niet als een onderdeel van de gewone, dagelijkse wereld.
We leggen de verbinding nog steeds vanuit de organisatie van de partij: afdelingsvergadering, fractievergaderingen, afstemming tussen wethouders en fractie. We interpreteren de werkelijkheid vanuit ons program, onderhandelen, spreken vanuit de wens ons stempel op de werkelijkheid te drukken. Daarmee gaan we in ons politiek bestuurlijke werk steeds meer lijken op de cultuur van de verticale, ambtelijke organisatie.
Sommigen denken dat deze kloof tussen die twee werelden, verticaal en horizontaal, vooral overbrugd moet worden door de taal van de straat te spreken. Ze willen die kloof als het ware door taal overbruggen. Maar het gaat om werkwijze, om houding, om het organiseren van een betekenisvolle dialoog, om je werkelijk te verdiepen in wat er in de samenleving speelt. En de bereidheid te hebben je opvattingen daaraan te ijken.
Een paar jaar geleden werkten we in Groningen aan een sportnota. In de verticaliteit een goed, professioneel product, maar pas bij een echte hoorzitting en serieuze gesprekken met vrijwilligers in de sport kwam de werkelijkheid aan de orde: de gemeente stond er bij de sportwereld echt slecht op. Dan werkt de gemeenteraad niet in het verlengde van de verticaliteit, als een soort afronding van een ambtelijk/deskundigen verhaal, maar dan moeten politieke partijen hun kernfunctie weer uitoefenen: op basis van visie, van ideologie, van politieke uitgangspunten de werkelijkheid duiden en beleid van richting voorzien.
Geen ‘ roept u maar’
De afstand overbruggen door ‘roept u maar’ helpt niet, dan sta je nog steeds op het balkon van die verticale institutie. Wat helpt is de horizontale wereld zelf een stem geven en pas daarna op basis van wie je bent als politieke partij, vanuit visie, en pas na een serieuze dialoog, richting geven aan de koers van de gemeente. De ‘deal’ tussen politici heeft namelijk weinig meer te maken met betrokkenheid van de burger.
Politieke partijen moet in hun werkwijze laten zien dat hun wortels in de horizontale samenleving zitten, terwijl ze nu door het voorspelbare gedrag in de raadzaal, door een sterk papieren werkelijkheid bij ‘hullie’ horen en niet bij ‘ons’. We moeten vanuit de wereld van het ‘regelen’, van het willen beheersen, opnieuw de verbinding leren leggen met de wereld van de dialoog, van het serieus nemen, van het nieuwsgierig zijn. We moeten weer leren volksvertegenwoordiger te zijn in een cultuur waarin het volk ook zichzelf wil vertegenwoordigen.
Personen, standpunten, programma’s, ze blijven belangrijk. Maar de manier waarop wij politiek bedrijven moet respect tonen voor de autonome burger. Niet door te roepen wat wij denken dat hij graag hoort. Of door de taal van de straat te spreken. Populisme is geen blijvende verbinding, maar kortsluiting. Het knettert even heftig en daarna is de verbinding weer verbroken. De legitimiteit van wat we in het politieke bestuur tot stand brengen wordt steeds meer bepaald door de kwaliteit van de verbinding. It is the process, stupid!