Bestuursakkoord onder de maat
8 juni wordt een spannende dag voor bestuurlijk Nederland. Op deze woensdagochtend stemmen de leden van de VNG over het onderhandelingsresultaat tussen Rijk en lagere overheden: het Bestuursakkoord. Als het aan de PvdA ligt, wordt 8 juni helemaal niet zo spannend en zal ver voor deze datum al duidelijk zijn dat gemeenten geen verantwoordelijkheid willen nemen voor dit akkoord.
De gemeenten zitten in een lastig parket. Aan de ene kant juichen zij de decentralisatie van sociale- en zorgtaken toe. Aan de andere kant moet er dan wel sprake zijn van een toereikend budget, voldoende beleidsvrijheid en ontschotting van budgetten. Helaas voldoet het voorliggende bestuursakkoord niet aan deze voorwaarden, en dat maakt deze overheveling van taken minder aantrekkelijk voor gemeenten.
Veel PvdA-fracties en - wethouders denken de nieuwe taken niet goed te kunnen uitvoeren, als er eerst een enorme hap uit het budget genomen wordt. De hap is té groot, de bezuiniging van € 2 miljard komt zo voor een groot deel bij de gemeenten te liggen. Daarbij is er weinig rekening gehouden met overloop naar andere regelingen en uitkeringen. De financiële risico’s van de decentralisatie liggen vrijwel volledig bij gemeenten.
Opwinding
De grootste inhoudelijke opwinding bij de PvdA komt door de invulling van de zogenoemde één-regeling aan de onderkant van de arbeidsmarkt - Wet Werken naar Vermogen (Wet WnV)- en de aanpassingen in de SW. Het lijkt er echter op dat de één-regeling aan de onderkant niet echt één regeling is. De Wajong blijft bestaan voor jongeren die na herkeuring nog steeds recht hebben op een Wajong-uitkering, en de WSW blijft bestaan voor hen die een indicatie voor beschut werken krijgen. Deze regelingen gaan niet op in de WnV, maar blijven er naast bestaan. Mensen die hun recht op Wajong of SW verliezen, vallen onder WnV. Zij krijgen te maken met de aangescherpte eisen die voor de bijstand zijn aangekondigd, zoals minder werken in het buitenland met behoud van uitkering, de huishoudtoets en de herinvoering van de sollicitatieplicht voor alleenstaande ouders met een kind onder de vijf jaar.
De normering van gemeentelijke inkomensondersteuning op 110% van het wettelijk minimumloon (zie regeerakkoord) maakt het voor gemeenten extra lastig om inwoners met de laagste inkomens te ondersteunen. Dit maakt het voor de PvdA lastig om haar sociale gezicht op lokaal niveau te laten zien. Wij staan immers voor gelijke kansen voor iedereen. Zelfontplooiing en verheffing worden met de invoering van een huishoudtoets op geen enkele wijze bevorderd. Kinderen kunnen niet sparen voor de toekomst en ouders blijven langer verantwoordelijk voor hun kinderen.
Acties
Volgens de voorzitter van de VNG Annemarie Jorritsma (VVD) ‘zat er niet meer in’. Een groot aantal lokale PvdA-politici vond dat niet voldoende en zette acties op touw om het akkoord tegen te houden. Samen met Mariëtte Hamer, Hans Spekman, Rinda den Besten, Otwin van Dijk en Rian van Dam heeft het CLB een informatiepakket over het bestuursakkoord opgesteld, inclusief instrumenten als moties en schriftelijke vragen. Vanuit Eindhoven, Heerlen, Landgraaf, Nijmegen, Utrecht, Duiven en Loon op Zand kwamen de eerste berichten dat deze gemeenten niet zullen instemmen met het bestuursakkoord, evenals de provincies Noord-Holland, Flevoland en Friesland. Carine Bloemhoff, raadslid in Groningen, schreef met collega’s uit het Noorden een paginagrote protestbrief in het Dagblad van het Noorden. En ruim 100 lokale PvdA-politici ondersteunen de oproep op de website van het CLB (www.lokaalbestuur.nl) om in actie te komen tegen de asociale onderdelen van het bestuursakkoord.
Op 8 juni wordt het duidelijk; kiezen gemeenten voor het eigen belang of volgen de lokale VVD en CDA de landelijke coalitie? Laten zij zich verleiden om lokaal de kastanjes uit het vuur te halen voor de bezuinigingsdrift van dit kabinet? Hopelijk weten de lokale PvdA-politici duidelijk te maken dat dit de keuzes van het kabinet zijn, en niet van de gemeenten of de PvdA.