Zoeken

Publicaties

Vlissingen krijgt er een binnenstad bij

De financieel-economische crisis, de ingezakte woningmarkt en de aangekondigde bezuiniging op het Gemeentefonds hebben gemeentebesturen huiverig gemaakt voor grote projecten. Moeten ook PvdA politici in hun schulp kruipen? Terwijl overal op de rem wordt getrapt, loste PvdA-wethouder Piet Polderman in Vlissingen eind februari juist het startschot voor een ambitieus project op ‘de allermooiste locatie van Zeeland’.

Op de hoek van de Hendrikstraat en de Koudenhoek, aan de rand van de binnenstad van Vlissingen, staat een uitkijktoren. PvdA-wethouder Piet Polderman, sinds 2008 in functie, neemt gasten van buiten de stad graag mee naar die tijdelijke toren. Bovenop staat de toeschouwer met zijn rug naar de historische binnenstad, waarvan het stratenpatroon teruggaat tot de zestiende eeuw. Vóór hem een immens niemandsland, wel veertig voetbalvelden groot, dat in 2003 is aangekocht door de gemeente nadat het was verlaten door de scheepsbouwers van de Koninklijke Maatschappij De Schelde. Dat bedrijf heeft 125 jaar onder die naam bestaan. Tot 1964 werden op deze grond aan het water 320 schepen gebouwd. Het begon in 1876 met een visserssloep, daarna volgden raderboten en stoomjachten, sleepboten en vrachtschepen, torpedobootjagers en fregatten en vooral veel passagiersschepen. De bouw van die ‘varende hotels’ is definitief ten einde. Ervoor in de plaats komen nu 2.000 huizen.
Aan de voet van de uitkijktoren ligt half uitgegraven een archeologisch pronkstuk. Werklui zijn daar bezig met de restauratie van een pre-industrieel overblijfsel uit het begin van de achttiende eeuw. Uniek in Europa, vandaar ook de subsidie van de Europese Gemeenschap. Misschien is dit wel het oudste nog bestaande dok ter wereld. De Schelde heeft bij de zoveelste uitbreiding dit Dok van Perry, genoemd naar de Engelse ontwerper, simpelweg volgestort met zand en er overheen gebouwd. Die onachtzaamheid van toen is de redding voor nu.

Gelukkig

Aan de rand van het dok zijn de contouren van de eerste woningen in aanbouw inmiddels zichtbaar. De prijzen liggen rond de € 300.000, de goedkoopste is € 199.000, maar er zijn ook penthouses voor de dubbele prijs. Eind februari gaf Polderman het startschot voor de bouw van de eerste 56 huizen, niet minder dan acht jaar na de aankoop van de grond door de gemeente. De vertraging heeft vele oorzaken. ‘Drie jaar geleden al was er een contract voor 112 woningen getekend. De verwachtingen waren hooggestemd. De plannen waren positief ontvangen. Maar toen viel in de VS Lehman Brothers om, een bank waarvan niemand buiten het financiële wereldje ooit had gehoord. De gevolgen waren groot, ook in Vlissingen werden we twee jaar op achterstand gezet,’ aldus Polderman in een terugblik. ‘ Maar nu staat voor u een gelukkige wethouder.’ Hij vertelde dat bij de restauratie van het standbeeld van de beroemdste zoon van Vlissingen, vlootvoogd Michiel Adriaenszoon de Ruijter, loden kokers uit de negentiende eeuw waren gevonden. En hij filosofeerde wat voor de Vlissingers over 125 jaar nog interessant zou zijn. ‘Geen verhalen over de bouwcrisis. Ook geen verhalen over de geweldige kwaliteit van de locatie aan de zee of over de maritieme plannen. Dat laatste is te vanzelfsprekend. Maar wel een symbool van hoop, houvast en vertrouwen.’ Dat symbool was een anker.
Twee maanden later legt de wethouder uit, dat hij in Vlissingen een mentaliteit proeft van ‘het wordt toch nooit wat’ en dat hij daar weerwerk tegen wil bieden. ‘Vanaf het moment dat ik in 2007 me hier oriënteerde, ben ik enthousiast over de potentie. Je bouwt tegen de bestaande binnenstad aan, zeg maar een nieuwe binnenstad. Dat is wel wat anders dan de zoveelste Vinexwijk op een opgespoten weiland.’

Unaniem besluit

Rens Reijnierse, fractievoorzitter van de PvdA sinds de laatste verkiezingen, is het daarmee eens en dat is volgens hem ook de verklaring, dat alle politieke partijen zich verbonden voelen met het project, dat niet heeft geleid tot partijpolitieke discussies. Reijnierse: ‘In 2003 waren alle partijen voor de aankoop van de grond door de gemeente. Alleen het CDA was tegen. Dus die pruttelen nu nog wel eens “hebben we het niet gezegd”, maar dan zeggen we: ''Er ligt een raadsbesluit". Bovendien maakt die partij nu deel uit van het college. Ook nu is er geen partijpolitieke discussie. Iedereen in de raad wil zijn schouders eronder zetten.’
Het CDA vond in 2003, dat de gemeente geen intermediair moest worden tussen de eigenaar van de grond en de toekomstige projectontwikkelaars. Reijnierse: ‘De andere partijen meenden, dat de gemeente door de aankoop het best de ontwikkeling kon sturen.’
Volgens Reijnierse is er nóg een reden waarom de Vlissingse gemeenteraad het project zo’n warm hart toedraagt: ‘Iedereen herinnert zich, sommigen als kind, hoe De Schelde in de jaren van groei het oude centrum letterlijk heeft opgegeten. Een hele woonwijk is door de werf opgekocht en afgebroken. Ook het oude stadhuis, het Van Dishoeckhuis, is toen gesneuveld. De opbouw van het Scheldekwartier is een historische rechtzetting.’

Jaap van der Doef, burgemeester van 1986-1999 en betrokken bij de eerste plannen, vult aan: ‘Deze nieuwe wijk moet vooral toekomstbestendig zijn, dus met economische activiteiten en niet in de laatste plaats ook een stedelijke culturele ambiance. En mét de integratie van enkele industriële monumenten, zoals de Zware Plaatwerkerij en de Timmerfabriek, die net is gerestaureerd.’
Polderman, geboren en getogen in Goes, dus niet helemaal een vreemde in Zeeland, heeft in zijn portefeuille ‘de exploitatie van het Scheldekwartier’. Zodoende staat hij voor de taak het door de gemeente in 2003 uitgegeven geld - naar verluidt tussen de 35 en 45 miljoen euro - terug te verdienen. In zijn visie heeft Vlissingen ook geen keus: ‘Gemeenten, die nog niet hebben geïnvesteerd, kunnen bij zulke grootschalige projecten als dit nog even de kat uit de boom kijken, maar wij hebben de grond al acht jaar geleden aangekocht, dus wij moeten wel.’

Dieptepunt

Toen Polderman in 2008 als wethouder aantrad samen met partijgenoot Frans Prins, toen voorzitter van het gewest Zeeland en woonachtig in Renesse, bevond Vlissingen zich op een bestuurlijk dieptepunt. Iedereen had aan iedereen het vertrouwen opgezegd: burgemeester, wethouders, gemeentesecretaris en als gevolg daarvan was iedereen afgetreden, opgestapt of weggestuurd. De nieuwe politici kwamen allemaal van buiten Vlissingen. Ze bleven aan na de verkiezingen, op Frans Prins na, die het slachtoffer werd van de halvering in zetels (van acht naar vier) van de PvdA.
Hoewel het college was gestruikeld over het Scheldekwartier, trok Polderman als nieuwe wethouder snel de conclusie, dat het project op zich niet het probleem vormde. Wel kwam hij tot de ontdekking dat alle plannen die tot dan toe waren gemaakt nooit waren doorgerekend op hun rentabiliteit. Dat was hij niet gewend in zijn eerdere politieke loopbaan, die zich tot 2008 afspeelde in Amsterdam. Als stadsdeelwethouder had hij daar te maken met grootschalige bouwprojecten, onder meer op de Zuidas. Hij gaf opdracht tot die doorrekening en vervolgens verdwenen wat uitbundigheden uit het eerste plan, waarin een extra haven zou worden gegraven en een eiland gecreëerd. Wel veel extra kosten, niet onmiddellijk zichtbare opbrengsten. Ook is het aantal huizen uitgebreid. In de eerste plannen lag dat aantal nog beneden de 1500, nu is er sprake van een kleine 2000. Polderman rekent wel op een langere termijn: ‘Met vanaf nu honderd huizen per jaar ben ik dik tevreden.’ De wethouder lonkt bij de plannen nadrukkelijk naar nieuwe Vlissingers. Reijnierse wil de huidige inwoners niet vergeten: ‘Als je bij de grondexploitatie kijkt naar het bestaande model, dan kom je op huizen uit die onze huidige inwoners en ook onze kiezers niet kunnen betalen. Toen in 2003 de grond door de gemeente werd aangekocht, gebeurde dat ook met het oog op de woonomstandigheden voor de huidige bewoners van Vlissingen.’
Polderman denkt de huidige bewoners van Vlissingen op een andere manier van dienst te kunnen zijn. Hij waakt ervoor het Scheldekwartier te zien als een project dat op zich zelf staat. Ook Vlissingen kent naoorlogse wijken van het type die in andere steden volop worden gerenoveerd. Polderman: ‘Mijn ideaalbeeld is dat de ontwikkeling van het Scheldekwartier als hefboom fungeert en het imago van de stad versterkt, waardoor we uiteindelijk andere buurten in Vlissingen uit het slop kunnen trekken. Pas dan beschouw ik mijn missie als geslaagd.’

Van der Doef nog altijd actief

Jaap van der Doef (76) was dertien jaar burgemeester van Vlissingen in de nadagen van De Schelde, van 1986 tot 1999. Hij is na zijn pensionering in Vlissingen blijven wonen. Voor zijn aantreden woonde hij als ‘Zeeuws kamerlid’ in Middelburg. De relatie van De Schelde met Vlissingen karakteriseert hij als eenzijdig: ‘De wil van de werf was wet in Vlissingen, onder het motto wat goed voor de werf is, is ook goed voor de stad.’
Van der Doef, afkomstig uit de vakbeweging en jarenlang vicevoorzitter van het partijbestuur en Tweede Kamerlid, was staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat in het vechtkabinet Van Agt-Den Uyl, dat van 1981 tot 1982 negen maanden stand hield. In Vlissingen is hij nu bestuurlijk actief als voorzitter van de Cultuurwerf, belast met de uitvoering van het kunst- en cultuurbeleid van de gemeente. Zijn organisatie heeft een oogje laten vallen op de Zware Plaatwerkerij in het Scheldekwartier. Maar het zou ook één van de andere industriële monumenten mogen zijn. ‘We moeten fors bezuinigen. Daar gaan we mee akkoord, maar dan moeten we wel een gebouw hebben dat ons de mogelijkheid biedt om inkomsten te verwerven. Dit is de tijd van het culturele ondernemen en dat is wat wij ook willen.’

Uit publicatie
Lokaal Bestuur, Jaargang 35 nr. 5
mei 2011

Auteur
Chris Mast