Een beetje politieke binding bestaat niet
Wethouders zijn vaak boegbeelden van de partij op lokaal niveau. Inwoners kennen meestal wel ‘hun’ wethouder, niet die van de buurgemeente. In veel gevallen is de wethouder lijsttrekker bij de verkiezingen. Het is vanzelfsprekend dat de wethouder ‘uit de partij’ voortkomt en in de gemeente woont waar hij wethouder is. Is het dan ook niet vanzelfsprekend dat een PvdA’er in een gemeente alleen wethouder kan zijn als de PvdA-fractie deelneemt aan de coalitie?
Wethouder zijn is geen gemakkelijke opgave. Een derde van de wethouders haalt de eindstreep niet. Een deel stapt vrijwillig op, een ander deel noodgedwongen. De twee meest voorkomende oorzaken zijn: ruzie in het college of in de eigen partij en slechte prestaties op financieel gebied (tekorten, onderbestedingen, niet tijdig informeren).
Maar ook de beginsituatie kan verschillend zijn. Door de dualisering zijn wethouders ‘van buiten’ mogelijk geworden. In een aantal gemeenten worden zogenaamde zakencolleges gevormd. De politieke binding van wethouders verandert zoals het voorbeeld van een wethouder die in één periode van drie politieke partijen lid is geweest laat zien. Dit zijn kwetsbare en ongewenste situaties, niet alleen voor de wethouder in kwestie maar ook voor fracties en onze partij.
Harlingen
In Harlingen heeft de raad in 2010 gekozen voor een open werving en selectie van wethouders. Dit raadsbesluit was niet unaniem, de PvdA stemde tegen dit voorstel. Door middel van een open sollicitatieprocedure werden in Harlingen twee wethouders geselecteerd uit 59 kandidaten. Bij die selectie werden criteria gehanteerd als bestuurlijke ervaring, resultaatgerichtheid en contactuele eigenschappen. Het partijlidmaatschap deed er niet toe. Kandidaten hebben gesprekken gevoerd met een vertrouwenscommissie en een assessment afgelegd. Uiteindelijk heeft dit geleid tot de voordracht (door de coalitiepartijen waar de PvdA geen deel van uitmaakt) en benoeming van een wethouder van PvdA-huize en een wethouder van GroenLinks-huize.
Onze fractie in Harlingen heeft altijd duidelijk gemaakt hier niet gelukkig mee te zijn. Dit heeft niet te maken met de persoon van de wethouder en diens kwaliteiten maar met de ongewenste situatie dat je in de raad in de oppositie zit, en oppositie voert tegen ‘één van je eigen rode familie’. Aan de buitenwereld valt dit niet uit te leggen en de insiders zoals collega-raadsleden kunnen je het te pas en te onpas voor de voeten werpen.
Inmiddels zijn we ruim een jaar verder en heeft de wethouder van GroenLinks-huize er het bijltje bij neergegooid. In zijn ontslagbrief schreef hij: ‘Ik kan niet langer werken met een coalitie in een sfeer van achterdocht, wantrouwen en besluiteloosheid.’
Depolitisering
Het werken met wethouders die gekozen zijn op basis van hun bestuurlijke kwaliteiten heeft in ieder geval geen bestuurlijke stabiliteit gebracht. Over de raad zegt de opgestapte wethouder onder nadere: ‘Het was een voorbeeld (behandeling dispensatieverzoek verhuizing) van machtspolitiek in optima forma, maar vooral natuurlijk een indirecte motie van wantrouwen. Heb dan echt ballen en stuur je eigen wethouder naar huis’. Vooral met deze laatste opmerking wordt de kwetsbaarheid van constructies zoals in Harlingen aangegeven. Depolitisering in het politieke bestuur werkt niet!
Maar in plaats van lering te trekken uit dit soort onmogelijke constructies, waarin je het jezelf als partij wel heel erg moeilijk maakt, gaat de coalitie van Harlingen stug door op de ingeslagen weg. Opnieuw wordt er een wethouder gezocht, waarbij de politieke binding niet belangrijk wordt geacht. Opnieuw kan ‘iedereen’ reageren. Onze PvdA-fractie doet niet mee in de sollicitatiecommissie omdat zij geen deel uitmaakt van de coalitie maar de belangrijkste oppositiefractie is.
Het verschil maken
Wethouders zijn interessant. Natuurlijk is het een politiek interessante en relevante functie. Maar wethouder word je omdat je het verschil wilt maken, omdat je vanuit je politieke drive veranderingen wilt bewerkstellingen, omdat je dingen wilt bereiken die te maken hebben met je politieke kleur. Wethouder word je vanuit je partij, namens je partij en voor je partij. En nergens anders om. Voorkomen moet worden dat de wethouder wordt gedepolitiseerd. Sterker nog, wethouders zijn hét PvdA-gezicht op lokaal niveau. En als je je als PvdA’er niet mag manifesteren, waarin onderscheid je je als wethouder dan nog van de ambtelijke top?
Vandaar onze oproep, met de fractie van Harlingen: doe hier niet aan mee. Op basis van onder andere de situatie in Harlingen, heeft het CLB een nieuw advies uitgebracht onder de noemer ‘Een beetje politieke binding bestaat niet’. De samenvatting van het advies komt neer op de volgende punten:
1. Neem afstand van de tendens om het wethouder-zijn te depolitiseren.
2. Laat het niet aan anderen over of wethouders van PvdA-huize aan PvdA-activiteiten mogen deelnemen.
3. Geef betere kaders aan de lokale autonomie met betrekking tot de wijze van wethouderskeuze en -invulling.
4. Bouw bestaande situaties af en sluit nieuwe situaties van wethouders zonder politieke binding uit.
Steun onze fractie in Harlingen en laat je niet verleiden om te solliciteren!