Anderhalf jaar in de raad
De gemeenteraadsverkiezingen liggen alweer anderhalf jaar achter ons. Tijd om eens met wat nieuwkomers in de raad te praten over hun ervaringen tot dusverre. Hoe bevalt het raadswerk hen? Waar verbazen ze zich over? Wat valt mee, wat valt tegen? Deze en andere vragen legde Lokaal Bestuur voor aan Liesbert Lubberink (Staphorst), Milena Hilstra (Texel) en Rene van Drunen (Kerkrade).
Wie: Liesbert Lubberink
Wat: raadslid, PvdA is oppositiepartij
Waar: Staphorst (15.000 inw.), college van SGP, CDA, Gemeentebelangen
Hoe bevalt het raadswerk?
‘Ik vind het heel erg leuk dat ik mee mag denken, praten en doen. Dat het echt om lokale zaken gaat vind ik het leukste. Ik heb hiervoor in de dorpsraad gezeten. Die is ontstaan vanuit het dorp zelf en is zo serieus van opzet dat de gemeente heel goed naar de adviezen van de raad luistert. Ik heb dat twee periodes van vier jaar gedaan. Op die manier had ik al veel contact met mensen van de gemeente en ik zat ook als toehoorder bij sommige raadsvergaderingen. De stap naar de raad wilde ik eigenlijk helemaal niet maken.’
Toch heb je het gedaan. Waarom?
‘Ik was niet verbonden aan een partij, maar mijn stemgedrag was altijd links. Linkser dan de PvdA zelfs. Gek genoeg dacht een van de PvdA’ers die hier in de raad zat altijd dat ik VVD’er was, omdat mijn vader dat ook was. Toen hij er achter kwam dat dat niet het geval was benaderde hij mij om te vragen of ik niet voor de PvdA in de raad wilde, want hij zou stoppen en de situatie dreigde te ontstaan dat er niemand voor de PvdA de raad in wilde in Staphorst, terwijl we hier wel altijd twee zetels halen. Dat leek me wel erg vergaand, want als een partij eenmaal uit de raad is, zie dan nog maar eens terug te komen! Ik ben me toen in de beginselen van de PvdA gaan verdiepen en merkte dat ik me heel makkelijk kon herkennen in waar de partij voor staat en dat ik dat ook goed kan verwoorden. Dus toen heb ik alsnog de stap gewaagd, me aangemeld als lid en op verzoek van de partij dus ook voor de gemeenteraadsverkiezingen en zo kwam ik alsnog in de raad.’
Waarom wilde er niemand in de raad voor de PvdA?
‘Ik denk dat dat een beetje een algemene trend is: mensen hebben het te druk, vinden het eng, kennen het niet en houden dus een beetje afstand. Met name die drukte is echt een punt. Zo hebben we nu een schaduwfractie met wat mensen die op zich wel geïnteresseerd zijn, maar zij hebben drukke banen en gezinnen en kijken dus voorlopig de kat even uit de boom. Zelf had ik een halve baan in het onderwijs en daarnaast deed ik invalwerk, maar met dat laatste ben ik gestopt om voldoende tijd aan het raadswerk te kunnen besteden.’
Wat is je tegengevallen aan het raadswerk?
‘Hoe moeilijk het is om vanuit de oppositie, waar we hier in Staphorst altijd in zitten, iets te bereiken. Toen ik mijn eerste motie indiende dacht ik echt: dit is een heel goed verhaal, dus dat gaat wel lukken. Maar niks hoor, ik kreeg geen steun. Desondanks vind ik het wel belangrijk om ons geluid te laten blijven horen. Ik kan me voorstellen dat het op den duur frustrerend kan zijn dat je bijna nooit iets binnen kunt halen als je in de oppositie zit, maar voorlopig voel ik het nog niet zo. Ik was gewoon verontwaardigd dat mijn motie, die volgens mij zo goed was, werd afgeserveerd.’
Waar heb je je over verbaasd?
‘Er zit naast mij nu nog één vrouw in de raad, we zijn er allebei nieuw ingekomen. En dat is zeldzaam in Staphorst, vrouwen in de raad. In de vorige periode zat er niet één vrouw in. We werden ook een beetje overvallen door de pers: wat zal de SGP er wel niet van vinden dat jullie in de raad zitten? Daar had ik ook zo mijn vooroordelen over. Maar de SGP’ers zeiden direct: jullie zijn democratisch gekozen en dat respecteren we, jullie zijn volwaardig lid van de raad en zo zullen we jullie ook behandelen. En dat doen ze ook. Mijn ervaring in de raad is dat er over en weer respect voor elkaar is.’
Wie: Milena Hilstra
Wat: raadslid, PvdA is coalitiepartij
Waar: Texel (13.000 inw.), college van PvdA, VVD, Texel 2010 en D66
Hoe bevalt het raadswerk?
‘Ha ha, wat een grappige woordspeling!’
Hoezo?
‘Omdat ik binnenkort ga bevallen. Kort na mijn installatie als raadslid had ik een training voor raadsleden voor de Waddeneilanden. Daar is een relatie uit ontstaan en ik ben nu acht maanden zwanger!’
Gefeliciteerd!
‘Dank je. Wat betreft het raadswerk: ik was eerder al actief geweest voor GroenLinks. Op mijn 17e was ik schaduwkamerlid voor GroenLinks en later zat ik voor die partij in een gemeenteraadscommissie in Den Helder. Dat was heel anders dan hier op Texel. Ik kom uit een rood nest eigenlijk, maar ja, je wilt je kennelijk toch afzetten tegen je ouders op die leeftijd en een eigen partij zoeken. Maar nu zit ik dus toch bij de PvdA!’
Wat was er zo anders in Den Helder?
‘De gemiddelde leeftijd is hier iets hoger en het is hier meer plattelandspolitiek. Dat komt, denk ik, doordat het een eiland is. Dus dat was wel even wennen. Er zijn veel ongeschreven codes, het is soms wat stijfjes en in de debatten wordt er vaak erg op detailniveau gesproken in plaats van over de hoofdlijnen. Dat kan wel eens frustrerend zijn. In mijn beleving was er in Den Helder meer politiek debat. Een ander verschil is dat we met GroenLinks in Den Helder in de oppositie zaten en hier op Texel met de PvdA zitten we juist in de coalitie.’
Is er veel verschil tussen de PvdA en GroenLinks?
‘Zeer zeker. Ik heb een paar congressen bezocht en ik verbaasde me erover hoe groot de cultuurverschillen zijn. Binnen GroenLinks zijn veel meer duidelijke idealen die door iedereen zonder discussie worden aangenomen. We wisten precies waar we voor streden. Binnen de PvdA is veel meer discussie. Dat komt doordat er mensen met zeer verschillende achtergronden in de partij zitten die vaak erg uiteenlopende meningen hebben. Dat maakt het heel interessant en boeiend. Ik ervaar dat als een grote rijkdom. Maar het is tegelijkertijd soms wel lastig om tot een duidelijk standpunt te komen.
Mocht discussie wel bij GroenLinks?
‘Ja, maar het was gewoon duidelijk waar we voor stonden. Na een PvdA-vergadering kom ik soms thuis en dan denk ik: wat vonden we nou eigenlijk?’
Wat vind je leuk aan het raadswerk?
‘Dat ik mijn steentje bij kan dragen, verantwoordelijkheid draag en ook resultaat zie. We proberen bijvoorbeeld met moties de tweede ambulance in de gemeente veilig te stellen, het zwembad te behouden en dat wordt gesteund. Ik focus me in de raad ook echt op die sociale duurzaamheid.’
Wat vind je minder leuk?
‘Het blijft lastig dat er zoveel gepraat wordt en dat het lang duurt voordat je resultaat zichtbaar wordt. Dat maakt het ook relatief onaantrekkelijk voor jongeren. Tien jaar geleden zei ik dan ook dat ik nooit meer iets met politiek wilde doen, maar ja, op de een of andere manier zit het toch in me. Ik relativeer nu meer. Het is ook de kracht van onze democratie dat we met elkaar praten en dat niet alles zomaar eventjes geregeld kan worden!’
Wie: René van Drunen
Wat: fractievoorzitter, PvdA is coalitiepartij
Waar: Kerkrade (47.000 inw.), college van Burgerbelangen, PvdA en CDA
Je bent nieuw in de raad en ook nieuw als fractievoorzitter. Hoe is dat gebeurd?
‘Ik ben actief geworden voor de PvdA ten tijde van Fortuyn. Ik kom uit een rooie familie, dus de PvdA was een logische keus. Eerst ben ik in het gewestelijk bestuur aan het werk gegaan als penningmeester, later werd ik in Kerkrade gevraagd om daar actief te worden. In de vorige periode was ik fractievolger en anderhalf jaar geleden stond ik op plek 7 op de lijst voor de raad. Toen onze wethouder Krewinkel ineens vertrok voor een burgemeesterspost en er van alles verschoof, trok ik de stoute schoenen aan en meldde me voor het voorzitterschap. Ik ben toen ook gekozen.’
Dat ging van een leien dakje!
‘Nou, helaas niet. Na het vertrek van de wethouder ontstonden er interne strubbelingen die tot heel veel beroering leidden. Dat speelde allemaal in de eerste vijf maanden van deze periode. Ik vond dat erg moeilijk. Ik werk gewoon 40 uur en al dat gedoe wat er toen was, dat hoefde voor mij echt niet. Ik heb toen ook overwogen er mee te stoppen. Op verzoek van de fractie ben ik toch doorgegaan. Uiteindelijk vertrokken er twee mensen uit de fractie. Het werd rustiger en nu is het eigenlijk gewoon leuk. We bouwen echt aan een team, ook al is dat een relatief onervaren team.’
Verstoorden de interne strubbelingen ook het functioneren van de fractie in de raad?
‘Zeker! Er was echt een negatieve toon en andere partijen merkten dat het rommelde. De oppositie speelde daar ook direct op in. Het vertrouwen herstellen was dus heel belangrijk. En dat begint met onderling vertrouwen in de eigen fractie. Gelukkig is dat er nu.’
Wat vind je leuk aan het raadswerk?
‘Dat je invloed uit kunt oefenen, dat je samen kunt werken met anderen en dat je met je eigen leefomgeving bezig bent. Qua inhoud was er bijvoorbeeld de discussie over het stadstheater. We hebben maar 50.000 inwoners in Kerkrade en daarvoor hebben we eigenlijk een te groot theater. Er gingen stemmen op om dat kleiner te maken, maar wij vinden als PvdA dat cultuur heel belangrijk is voor Kerkrade en dat hebben we dus tegengehouden. Ook hebben we voor middelen weten te zorgen om de eerste klappen van de reorganisatie van de Wet sociale werkvoorziening (Wsw) op te vangen.’
Heb je nog meer politieke ambities?
‘Het is me allemaal een beetje overkomen. Ik probeer nu zoveel mogelijk ervaring op te doen, maar ik heb geen provinciale ambitie bijvoorbeeld en als je die bende bij de algemene politieke beschouwingen in Den Haag ziet, dan trekt de landelijke politiek me eigenlijk ook niet. Maar lokaal vind ik het spannend, zeker in een stad waar de PvdA de grootste partij is na de gemeenteraadsverkiezingen, maar waar de PVV de meeste stemmen haalde bij de Tweede Kamerverkiezingen. De links-rechts verschillen zijn hier enorm groot. Dat maakt het werk erg boeiend.’