Voetbal als maatschappelijk bindmiddel
Voetbal is ‘hot’. Nederlanders lijken voor geen andere sport zo warm te lopen als voor voetbal. Toch heeft de sport het anno 2010 niet gemakkelijk in ons land.
Betaald-voetbalclubs FC Haarlem en BV Veendam zijn al van de kaart verdwenen en gevreesd wordt dat MVV binnenkort volgt. Clubs die middenin de samenleving stonden/staan. Welke maatschappelijke betekenis heeft voetbal en welke prioriteit geef je als lokaal bestuurder aan voetbal als instrument. Ook in economisch moeilijke tijden? Een gesprek met drie lokaal bestuurders over hoe de bal rolt in hun gemeente.
Bert Blase is burgemeester van de gemeente Alblasserdam en is naar eigen zeggen nog steeds prima in staat een balletje ‘hoog te houden’. Hij speelde in het verleden betaald voetbal bij FC Eindhoven en draagt de sport een warm hart toe. Blase pleitte onlangs in het AD voor een andere rol voor betaald-voetbalorganisatie FC Dordrecht. Volgens hem moet de club een maatschappelijke partner worden in de regio Drechtsteden waar Alblasserdam deel van uitmaakt.
Heeft voetbal meer maatschappelijke betekenis dan andere sporten?
‘Dat kun je denk ik niet zo tegen elkaar wegzetten. Wat voetbal wel speciaal maakt is dat het volkssport nummer één is. Het is de meest beoefende sport in ons land en volgens mij zelfs in de hele wereld. Bovendien is het een van de weinige sporten die betaalt en waar dus een hele economie aan vastzit. Dat heb je bij wielrennen, hockey en volleybal ook wel, maar veel minder en voor andere sporten zoals bijvoorbeeld honkbal of korfbal geldt dat bijna niet. Daarom is het belangrijk dat die betaald-voetbalclubs zich vergewissen van een maatschappelijke rol. Lokaal maar ook regionaal. Bovendien maakt voetbal veel sentiment en emotie los. Daardoor is er een grote en brede betrokkenheid bij de sport.’
Voetbal als hedendaagse religie?
‘Meer als voorbeeld. Jongens en meisjes zien voetballers bezig en denken “dat wil ik ook”.’
Hoe moet FC Dordrecht volgens u die maatschappelijke rol nemen?
‘Het concept dat ik voor ogen heb is breder dan alleen vermaatschappelijking.
Een club die goed presteert is interessanter voor bedrijven om zich aan te verbinden.
Bedrijven sluiten zich aan bij een businessclub en dat is niet alleen goed voor de economische gezondheid van zo’n club maar ook voor de lokale en regionale economie. Dat zijn wat mij betreft samenhangende grootheden. De maatschappelijke rol is de motor voor dat proces. Als je als club geen maatschappelijk draagvlak hebt, dan heeft dat ook gevolgen voor je uiteindelijke bestaansrecht.’
Wat kan FC Dordrecht doen om dat draagvlak te creëren of te vergroten?
‘Wijken, scholen en sportclubs zijn de logische aanhaakpunten voor een betaald-voetbalorganisatie. FC Dordrecht zou ook buiten de eigen stad activiteiten moeten ontplooien om bijvoorbeeld overlastgevende jongeren te bereiken. Ze hebben behoefte aan structuur, zeg maar aan de drie W’s: werk, wonen en een wijffie en volgens mij kun je daar gerust sport aan toevoegen. Door de sport kunnen ze hun energie op een positieve manier kwijt door bijvoorbeeld een clinic te volgen met de spelers uit het eerste elftal. Dat zijn een soort iconen voor ze en dat voorbeeld straalt positief af op deze jongeren.’
Kunt u voorbeelden noemen?
‘In mijn gemeente heb ik bijvoorbeeld goed contact met Youssef El Akchaoui die nu bij FC Augsburg speelt en met Danny Buijs die bij ADO Den Haag speelt. Ze komen beide oorspronkelijk uit deze regio en zijn regelmatig maatschappelijk actief in onze gemeente. De jeugd vindt het prachtig om met ze te praten, een handtekening te vragen en ze te ontmoeten en op die manier leveren ze een enorm positieve bijdrage aan het onder de aandacht brengen van voetbal als opbouwende activiteit.
En de amateurvoetbalclubs?
‘Die kunnen heel goed een soort kweekvijver voor FC Dordrecht vormen. Niet dat ze daar talent zouden moeten wegkapen, maar ik denk dat talent uiteindelijk wel door kan stoten naar de club. En degene die dat niveau niet haalt, kan ook profiteren van de kennis van FC Dordrecht doordat ze bijvoorbeeld trainingen geven waardoor de kwaliteit van zo’n amateurclub verbetert. Het zou bovendien goed zijn als de club zich committeert aan projecten als Meedoen voor Kinderen en Buurt-Onderwijs-Sport (BOS). Dat soort maatschappelijke activiteiten zorgen ook voor stageplaatsen. Iets waar het onderwijs om staat te springen. Het mes snijdt dus aan meerdere kanten. En die commerciële kant én die maatschappelijke kant zijn zowel goed voor de club als voor de regio.’
Zou FC Dordrecht daarvoor geld van een gemeente als Alblasserdam kunnen krijgen?
‘Ik ben er niet voor om de club zomaar een zak met geld te geven, nee. Ik wil me er echter wel sterk voor maken dat er geld komt voor de maatschappelijke activiteiten waar de club aan meedoet. Ook in deze tijden omdat het maatschappelijk belang van voetbal niet onderschat kan worden.
Ans Grimbergen is fractievoorzitter van de PvdA in de gemeenteraad van Veendam. De Oost-Groningse plaats die op 12 mei zijn betaald-voetbalorganisatie failliet zag gaan. Hoe nu verder?
Wat betekende de club voor Veendam?
‘De club had een grote maatschappelijke betekenis hier in de gemeente. Het bracht echt een saamhorigheidsgevoel. De BV Veendam was binnen Veendam wel een bindende factor. Veendam hoort bij de BV en de BV bij Veendam. Naar een voetbalwedstrijd op de Langeleegte was een plezierig sportief uitje voor jong en oud. Ik ben zelf geen groot voetballiefhebber maar ging er wel regelmatig naartoe. Dat gevoel van verbondenheid, dat met zijn allen gaan voor de club, voor Veendam vond ik erg prettig.”
Was de BV Veendam maatschappelijk actief?
‘De club werkte wel samen met wijk- en buurtbeheer in het kader van Buurt-Onderwijs-Sport en deed wel regelmatig iets zoals op bezoek gaan bij oudere mensen met een clubcard maar dat kon intensiever. Wij hebben ze daar ook op aangesproken en dat als voorwaarde gesteld voor een akkoord voor onze steun aan een eventueel reddingsplan.’
‘We hebben ook geopperd om wat meer samen te werken met FC Groningen voor wat betreft de jeugdopleiding, het blikveld te verbreden, maar ook dat stond nog in de kinderschoenen.’ (Op 7 mei vond er nog een benefietduel plaats tussen het eerste elftal en een selectie van spelers uit de zeven voetbalverenigingen die de gemeente Veendam rijk is, red.)
Hoe nu verder met sport als maatschappelijk bindmiddel in uw gemeente?
‘Veendam is ook zonder een betaald-voetbalorganisatie een sportieve gemeente die een aardig woordje meespreekt op dat gebied. Voetbal was en is niet het enige. Alle sporten zijn hier wel vertegenwoordigd. Wij als PvdA vinden sport ontzettend belangrijk en stimuleren dat ook. We hebben dat ook expliciet in het verkiezingsprogramma staan. We hebben in Veendam bijvoorbeeld een participatiefonds voor sport waar mensen met minder inkomen een beroep op kunnen doen zodat kinderen uit die gezinnen mee kunnen doen. Samenzijn, samen spelen ook door kinderen onderling is erg belangrijk.”
Heeft Veendam probleemjongeren waar sport voor ingezet wordt?
‘Natuurlijk zijn er hier wel jongeren die soms wat overlast veroorzaken, maar die zijn er niet op grote schaal. Jeugd is jeugd en er gebeurt weleens iets maar dan kun je ze daar op aanspreken. De problemen zijn hier zeker niet zo groot dat er beleid op gezet zou moeten worden en we hebben voldoende wijkgerichte programma’s waar veel jeugd in participeert. Dat zit hier dus wel goed.
De Goudse wethouder Marion Suijker staat met haar beide benen in het voetbal. Ze is zelf actief als verzorger bij het team waar haar dochter voetbalt. Hoe ziet zij de rol van voetbal in haar gemeente.
U zit wel heel dicht bij het vuur. Hoe is dat zo gekomen?
‘Ik wilde vroeger heel graag voetballen, maar mocht dat niet van mijn vader. Hij voetbalde zelf en vond dat niets voor meisjes. Toen mijn dochter vier was, was ze altijd al in de weer met een bal en zei ze “ik wil voetballen”. Toen heb ik nog gevraagd “zou je dat nu wel doen?”, maar ze wilde het graag. Toen ze zes was, is ze bij een voetbalvereniging gegaan. Ze is nu elf en voetbalt nog. En ja, dan moet je natuurlijk mee als ouder. Ze voetbalt in een team met jongens, maar in de loop van de jaren zijn hier steeds meer meisjes ook gaan voetballen. Dus ze zal wel een keer overgaan naar de meiden.’
Welke maatschappelijke rol speelt voetbal in Gouda?
‘Schoolvoetbal is hier in Gouda, en in de hele regio trouwens, erg populair. Er zijn veel en grote schoolvoetbaltoernooien. Het belang van voetbal zit hem in de lichamelijke beweging, het leren samenwerken en het leren incasseren. Daarom stimuleren wij het ook heel intensief.’
Gouda is het laatste jaar nogal eens in het nieuws geweest over problemen met hangjongeren. Worden die in dit traject ook benaderd?
‘Laat ik voorop stellen dat Gouda niet de enige gemeente is die daar last van heeft. We zijn dan wel in het nieuws geweest maar lang niet de enige gemeente die problemen heeft met jongeren. Ik heb maatschappelijke ondersteuning in mijn portefeuille en de welzijnsorganisaties hier benaderen deze jongeren en gaan met ze aan de slag. Het doel is om ze door te laten stromen naar een reguliere voetbalvereniging. Dat vinden wij als PvdA erg belangrijk. Als jongeren strafbare feiten plegen moet je grenzen stellen, maar ook perspectief bieden. Dus niet alleen sancties, politie, justitie en dergelijke maar ook positief naar de toekomst kijken. Voetbal speelt daar een grote rol in.
Zijn die hangjongeren daar eigenlijk wel voor te porren?
‘Wat mij altijd weer opvalt, is dat de problematiek van hangjongeren vaak benaderd wordt vanuit problemen. Volgens mij ga je bij sport niet uit van problemen, maar juist van positieve energie.
Wij willen kinderen van kinds af positief bezig laten zijn. Je moet er jong mee beginnen.’
Maar je bereikt toch niet iedereen met voetbal?
‘Nee, er blijven natuurlijk altijd groepen die moeilijk te pakken zijn.’
Hoe gaat u daar mee om?
‘De sportverenigingen kijken hoe je meer kunt sporten op buurtniveau. Ook via de brede school in het kader van de na- en buitenschoolse activiteiten en via maatschappelijke stages. Wij als gemeente stimuleren dat.’
Hoe?
‘Wij gaan uit van het zelforganiserend vermogen van zo’n vereniging en bij veel verenigingen werkt dat ook zo. Waar dat even niet lukt, kijken we waar we kunnen ondersteunen.’
Past voetbal als maatschappelijk bindmiddel binnen de grondbeginselen van de PvdA?
‘Absoluut. De sociaaldemocratische gedachte van de verheffing is er één, het feit dat het voor iedereen toegankelijk moet zijn en het samenbrengen van mensen, het integreren enzovoorts. Voetbal is zo sociaaldemocratisch als het maar zijn kan en daarom voor ons als PvdA een prachtig maatschappelijk middel om op in te zetten en in te blijven investeren. Ook als het economisch iets minder gaat.’