Wethouders waren de afgelopen vier jaar weinig honkvast. Slechts één op de drie colleges maakte zonder verlies van wethouders de ambtstermijn vol.
Uit een telling van het blad Binnenlands Bestuur blijkt dat vier op de tien wethouders voortijdig vertrokken. Van de 1550 wethouders die na de gemeenteraadsverkiezingen van 2006 begonnen, zijn er 627 vervangen.
In iets meer dan de helft van de gevallen was een conflict met de gemeenteraad de oorzaak. De PvdA is de partij die de meeste wethouders zag sneuvelen. Verhoudingsgewijs verloren de lokale partijen de meeste wethouders, zegt onderzoeker Henk Bouwmans.
Dik en dun
"Onervarenheid speelt daarbij vaak een belangrijke rol." Bouwmans wijst erop dat lokale partijen in 2006 sterk zijn opgekomen en vaak met nieuwe gezichten gelijk in het college kwamen.
Sinds 2002 zijn wethouders hun politieke leven minder zeker dan daarvoor. Oorzaak is de invoering van het duale stelsel, waardoor gemeenteraadsfracties hun eigen wethouder niet meer door dik en dun steunen.
Volwassen
In Flevoland haalt maar één van de zes colleges zonder verlies van wethouders de eindstreep: Urk. Daarmee is Flevoland voor de tweede keer de provincie met de minst stabiele colleges.
Bouwmans ziet het grote aantal wethouderswisselingen als een teken dat de lokale politiek volwassener is geworden. "Aan de ene kant levert het de beeldvorming op dat geen wethouder deugt, aan de andere kant is het goed dat wethouders die hun zaken niet voor elkaar hebben, weggaan."
Bron: Nos.nl
Terug