Deze website gebruikt cookies

Voor een volledige werking van de website worden cookies op uw computer gezet.
Daarnaast worden cookies geplaatst voor het bijhouden van bezoekersgedrag binnen Google Analytics, de werking van social media knoppen en reactiemogelijkheiden op blogberichten.
Wil je meer informatie over hoe www.lokaalbestuur.nl om gaat met uw privacy en welke cookies worden opgeslagen, lees dan ons cookiebeleid.

Inloggen mijn CLB

Werkloosheid nog niet enorm gestegen, maar de echte klap moet nog komen

Muus Visser

Met de tweede, gedeeltelijke lockdown neemt de werkloosheid verder toe. Gemeenten hebben financieel beperkt ruimte om werkzoekenden te helpen. ‘Er is structureel te weinig geld voor de taken die we moeten uitvoeren.’

De Noordenveldse wethouder Alex Wekema kent de cijfers begin oktober uit zijn hoofd. ‘We hebben sinds de corona-uitbraak 5 inwoners meer in de bijstand, in de WW ongeveer 20 extra inwoners. Als de huidige maatregelen effect hebben, ben ik optimistisch dat we die stijging beperkt kunnen houden. Maar bij een tweede lockdown ben ik een stuk minder hoopvol.’

De werkloosheid in Nederland stijgt, in veel gemeenten sneller dan in het Drentse Noordenveld. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) constateerde half augustus een ‘ongekende daling’ van het aantal banen: in het tweede kwartaal van 2020 waren er 322 duizend banen minder dan een kwartaal eerder. Met maatwerk proberen gemeenten de werkgelegenheid op peil te houden, ook voor de meest kwetsbare groepen.

Wekema: 'Bij een tweede lockdown ben ik een stuk minder hoopvol'

Zo zet een grote gemeente als Rotterdam in op herscholing: werkzoekenden krijgen een ‘scholingsvoucher’ voor maximaal 2.500 euro per jaar als de opleiding de kansen op de arbeidsmarkt vergroot. Volgens wethouder Richard Moti ‘stromen de aanvragen binnen’. De gemeente Groningen start een proef met de ‘basisbaan’: werk voor mensen voor wie een betaalde baan niet haalbaar is. Voor het eind van het jaar wil de gemeente 40 tot 50 basisbanen gerealiseerd hebben. 

Of andere, kleinere gemeenten ook de financiële slagkracht hebben voor dergelijk maatwerk is nog maar de vraag. Voor de coronacrisis bleek een kwart van de gemeenten al te vallen in de zogeheten ‘signaleringscategorie’, deze gemeenten lopen financieel het meeste risico. Het coronavirus, de lockdown en de genomen gemeentelijke maatregelen - zoals betalingsuitstel van belastingen - hebben de zorgen verder vergroot. 

Inmiddels is de tweede, ‘gedeeltelijke’ lockdown een feit, waardoor de werkloosheid vermoedelijk verder zal oplopen. Hoe gaan gemeenten om met deze daling in inkomsten en stijging in werkzoekenden? Kan er maatwerk geleverd worden of zijn daarvoor de middelen ontoereikend? Drie wethouders en een raadslid vertellen.

Maakindustrie

In het Limburgse Horst aan de Maas bleef het aantal WW-uitkeringen redelijk stabiel de afgelopen maanden. Een combinatie van factoren, legt wethouder Roy Bouten uit. ‘In maart en april hebben we 605 TOZO-uitkeringen verstrekt. We zijn bovendien een toeristische en agrarische gemeenten, sectoren waarin de vraag op peil is gebleven. De voedselproductie bleef overeind en het toerisme is na de eerste lockdown weer wat aangetrokken. Dat maakt dat de schade nu nog beperkt is gebleven.’

Het aantal bijstandsgerechtigden nam tot oktober toe met een zo’n 5%, vertelt Bouten. ‘Maar we vrezen daarin nog een toestroom. Uit een rapport van Berenschot blijkt dat de hoeveelheid bijstandsuitkeringen in 2022 kan toenemen met 51%. Een worstcasescenario, maar dat zou volstrekt onacceptabel zijn. Dat zijn in Horst aan de Maas 150 gezinnen die, plat gezegd, in een klotesituatie terechtkomen.’ 

Bouten: Als het ergste scenario uitkomt dreigen 150 gezinnen in een klotesituatie te komen

Ook in de gemeente Coevorden in Zuidoost Drenthe verwacht wethouder Joop Brink een toename in bijstandsgerechtigden. ‘Die stijging viel tot nu toe erg mee, maar we vrezen dit en komend kwartaal een flinke toestroom. In de kassen en de landbouw voorzien we dat een deel van de seizoensarbeiders hun werk niet meer kunnen oppakken.’

Van een aantal jongeren werd het contract niet verlengd, vertelt Brink. ‘Die kregen eerst drie maanden WW, maar dat begint nu langzaam bij ons binnen te lopen.’ Het lukt de gemeente moeizaam werkzoekenden vervolgens aan een nieuwe baan te helpen. ‘Het aantal mensen dat wij normaal gesproken kunnen bemiddelen naar nieuw werk stagneert enorm. Er is simpelweg weinig vraag naar arbeid.’

De Coevordense werkgelegenheid wordt enigszins op peil gehouden door twee grote bedrijven in de ‘maakindustrie’: Intergas en Forbo-Novilon. Eerstgenoemde houdt zich bezig met verwarmingssystemen en is volgens wethouder Brink bezig met de ontwikkeling van een waterstofketel. ‘Ik heb er alle vertrouwen in dat we daar mensen vanuit een uitkering weer aan het werk kunnen krijgen.’ Ook vloerbedekkingproducent Forbo-Novilon, ‘echt geworteld in Coevorden’, draait redelijk goed door, aldus Brink.

Economisch ontij

Begin oktober heeft de gemeente Noordenveld nog geen ‘noodplan’ dat geactiveerd kan worden bij zwaar economisch ontij, vertelt wethouder Wekema telefonisch. ‘Maar we hebben een crisisteam dat weer dagelijks bij elkaar komt, en proberen nauw in contact te blijven met ondernemers en de culturele sector. Ik ken de WW- en bijstandscijfers uit mijn hoofd, omdat we echt de vinger aan de pols houden bij de hele gemeenschap.’

Onder druk van een korting op het BUIG budget (het budget dat gemeenten van het Rijk krijgen voor het bekostigen van uitkeringen in de Participatiewet) en de coronacrisis, besloot de gemeente Horst aan de Maas augustus dit jaar het participatiebeleid te wijzigen. Wethouder Bouten legt uit: ‘Gemeenten zijn wettelijk verplicht inwoners te helpen reïntegreren. Wat doen veel gemeenten? Die bieden een traject aan en zeggen: “We hebben aan de verplichting voldaan”.’ 

Schipper: Extra financiële ruimte om werklozen te helpen is er niet

‘Maar bij een scheiding komt de moeder alleen te staan. Die moet verhuizen, voor kinderen zorgen, dan kun je niet zomaar reïntegreren op de arbeidsmarkt.’ Horst aan de Maas gaat daarom uit van een bredere kijk op reïntegratie. Bouten: ‘We houden een ander pad aan, kijken eerst hoe we diegene uit de schulden kunnen houden en of hij goede huisvesting heeft. De vervolgvraag is dan: kan er weer gewerkt worden?’

In het Groningse Stadskanaal is er geen financiële ruimte om extra maatregelen te treffen, vertelt Grietje Schipper. ‘Hier is het tegenovergestelde gaande: we moeten bezuinigen.’ De gemeente heeft al vrij hoge werkloosheids- en armoedecijfers, relatief veel mensen werken in een sociale werkplaats. De werkloosheid nam bovendien verder toe door de coronacrisis. ‘Niet bepaald welvaart ten top,’ zegt Schipper, die namens de PvdA in de gemeenteraad oppositie voert. ‘Nu moeten we mogelijk het zwembad sluiten. Het wordt er voor de bevolking hier niet leuker op.’ 

Opdracht

Het tekort aan middelen speelt niet alleen in Stadskanaal, ook wethouders Brink, Bouten en Wekema stellen dat er simpelweg te weinig geld is voor alle regelingen waarvoor gemeenten verantwoordelijk zijn. Zo vertellen Wekema en Bouten dat hun gemeenten Noordenveld en Horst aan de Maas de afgelopen jaren door het Rijk werden gekort op het participatiebudget, juist omdat ze het op dat gebied goed deden.

En dus ontstaan er tekorten op de begroting als er niet bezuinigd wordt. Wekema: ‘Ik heb onlangs de begroting toegelicht: we hebben € 2 miljoen moeten bezuinigen.’ Als PvdA-wethouder vond Wekema het daarbij belangrijk dat er niet gemorreld werd aan het zorgbudget en dat de gemeentelijke voorzieningen in stand gehouden worden. ‘En we zijn extra alert op mogelijke armoede.’

Brink: We teren in op onze reserve

De Coevordense wethouder Brink en raadslid in Stadskanaal Schipper vinden dat het Rijk moet bijspringen. ‘Er is structureel te weinig geld voor de taken die we moeten uitvoeren,’ zegt Brink. ‘Gemeenten gaan kapot zo,’ meent Schipper.

Toch gaat Coevorden niet alleen de ‘botte bezuinigingsbijl’ hanteren. ‘We hebben een gezonde reserve, dus het college gaat voorstellen een investeringsslag te maken.’ Brink noemt het ‘diepte-investeringen’ die ervoor moeten zorgen dat de kansen op de arbeidsmarkt voor toekomstige generaties ‘aanmerkelijk kunnen verbeteren’. ‘Kinderen groeien op in een bepaalde context die ervoor zorgt dat zij keuzes maken die ver onder hun potentie liggen. De context zou niet mogen bepalen wat de toekomst van een kind behelst.’ Hij vervolgt: ‘Het is voor ons als sociaal-democraten geweldig belangrijk dat we voor kansarmen die stap vooruit blijven zetten. Daar ligt onze opdracht.’  

 

Bijschrift afbeelding: Een kroegeigenaar sluit voor in ieder geval vier weken de deuren

Afbeelding: Raymond van Flymen | ANP

Uit publicatie Nieuwsbrief, 18 oktober 2020

Gerelateerde artikelen:

Jacqueline Kalk

Column Jacqueline: De daadkracht van Carola

Lees artikel

Kirsten Verdel

Campagne tijdens corona: ‘Niet lullen, maar brievenbussen vullen’

Lees artikel

Erwin Buter

De huishoudelijke hulp van de Wmo overhevelen naar de bijzondere bijstand: verstandig of niet?

Lees artikel