Deze website gebruikt cookies

Voor een volledige werking van de website worden cookies op uw computer gezet.
Daarnaast worden cookies geplaatst voor het bijhouden van bezoekersgedrag binnen Google Analytics, de werking van social media knoppen en reactiemogelijkheiden op blogberichten.
Wil je meer informatie over hoe www.lokaalbestuur.nl om gaat met uw privacy en welke cookies worden opgeslagen, lees dan ons cookiebeleid.

Inloggen mijn CLB

Wachtgeld: de redelijkheid voorbij

Jacqueline Kalk

In ons dagelijks politiek handelen laten wij ons - naast wet en regel - leiden door onze eigen moraal van soberheid en dienstbaarheid. Vrij vertaald is dit het begin van onze Erecode. Moedig staat even verderop: wij zijn terughoudend in het gebruik maken van wachtgelden en sociale zekerheidsregelingen voor politici en bestuurders.

Elke politicus toets het eigen handelen aan onze moraal, dat is een individuele verantwoordelijkheid, aldus de Erecode. Dat is natuurlijk waar, maar er is ook nog een publieke opinie en als partijgenoten onderling vinden wij ook altijd wel iets. En er zijn situaties waarin iets misschien wel kán maar je het niet zou moeten willen.

Dat er een wachtgeldregeling bestaat voor politici is niet voor niets. Gebruik maken van deze regeling is geen schande en mag dat ook niet worden. Morgen kun je immers als politicus naar huis worden gestuurd en dan is een vangnet noodzakelijk. Natuurlijk zo kort mogelijk. Daarom hebben we, ook toen dat nog niet geregeld was, als partij al gezegd dat voor onze politici een sollicitatieplicht geldt. Net als voor de meeste andere mensen die genoodzaakt zijn gebruik te  maken van de sociale zekerheid. In het algemeen vinden wij: wees terughoudend, doe het niet onnodig en niet omdat het kan en wettelijk gezien mag.

Helaas, het moet gezegd worden, zetten de recente spraakmakende gevallen de wachtgeldregeling weer eens onterecht in de spotlights. Twee slechte voorbeelden van het gebruik van een op zich goede regeling (hoewel je nog best kunt discussiëren of een verdere versobering terecht is gelet op de versobering van andere sociale zekerheidsregelingen). Voorbeelden die het verknallen voor anderen.

Wachtgeld voor raadsleden en Statenleden is geen algemeen goed. Tot nu toe bepaalt de gemeenteraad resp. de Staten zelf of er wel of geen wachtgeldregeling is. Vanaf 2014 bestaat deze keuze niet meer. Hulde aan minister Plasterk, die deze regelingen voor de nieuwe gemeenteraden en Staten heeft afgeschaft. Wachtgeld voor burgemeesters, wethouders enzovoorts is en blijft wel geregeld en nogmaals: het mag nooit een schande zijn als je gebruik van een dergelijke regeling maakt/moet maken.

Maar gebruik maken van de wachtgeldregeling om schulden te betalen die zijn ontstaan doordat je geld hebt ontvreemd en dit moet terugbetalen, zal bij iedereen de stekels overeind zetten. Misschien mag het volgens de letter van de regeling, maar het past op geen enkele manier bij de gedachte van de Erecode. De wachtgeldregeling gebruiken omdat je een onbezoldigde functie hebt aanvaard, is volgens de regeling mogelijk (de ontslaggrond is niet bepalend voor het in aanmerking komen voor wachtgeld) maar past niet bij gedachten over solidariteit en rechtvaardigheid die in dezelfde Erecode staan. Als je een ‘gewone’ baan hebt en je neemt zelf ontslag, dan heb je geen recht op een WW-uitkering. Verander je van baan voordat je een andere hebt, dan moet je dat in eerste instantie zelf opvangen. Niet iedereen heeft de vrijheid en mogelijkheid om zich deze keuze te kunnen veroorloven. Niet iedereen verdient genoeg om te kunnen sparen om een gat in de inkomsten te kunnen opvangen, niet iedereen kan zich deze luxe permitteren. Maar voor de burgemeester van een grote stad, een minister, een gedeputeerde of een, vul zelf maar in, zou dat toch niet het grootste probleem moeten zijn.

 

Uit publicatie Lokaal Bestuur, Jaargang 37 nr. 11 November 2013
Reageer