Deze website gebruikt cookies

Voor een volledige werking van de website worden cookies op uw computer gezet.
Daarnaast worden cookies geplaatst voor het bijhouden van bezoekersgedrag binnen Google Analytics, de werking van social media knoppen en reactiemogelijkheiden op blogberichten.
Wil je meer informatie over hoe www.lokaalbestuur.nl om gaat met uw privacy en welke cookies worden opgeslagen, lees dan ons cookiebeleid.

Inloggen mijn CLB

Primaries zijn geen weg naar herstel

Jan R. Lunsing

Het was een interessant experiment, in oktober en november vorig jaar: primaries in de PvdA-afdelingen Zoetermeer, Groningen en Utrecht. Hans Spekman, die het idee had gelanceerd, had er hoge verwachtingen van. Door de lijsttrekkerverkiezingen, waaraan ook niet-leden konden deelnemen, zouden meer mensen zich betrokken gaan voelen bij de partij, en dat zou uiteindelijk flink wat extra stemmen voor de PvdA moeten opleveren. Nu de verkiezingsresultaten bekend zijn, maakt bestuurskundig onderzoeker Jan Lunsing de balans op.

François Hollande is gekozen als presidentskandidaat voor de Parti Socialiste door middel van open lijsttrekkerverkiezingen, ook wel primaries genoemd. Het Franse voorbeeld heeft Hans Spekman geïnspireerd om te beloven dit systeem in te voeren bij het kiezen van onze lijst toen hij kandidaat was voor het voorzitterschap van de PvdA. In Frankrijk zou dit geleid hebben tot groot enthousiasme voor de presidentskandidaat, nieuwe leden en meer betrokkenheid bij de verkiezingen en niet onbelangrijk: een overwinning van Hollande op Sarkozy.
Hans Spekman staat bekend als iemand die zijn woord houdt. Bij de afgelopen gemeenteraadsverkiezingen is dan ook in drie gemeenten met primaries geëxperimenteerd. In Zoetermeer werd de primary op 16 oktober gehouden en op 9 november was er de zo genoemde super Saturday  toen in Utrecht en Groningen de lijsttrekker gekozen werd. Nu de gemeenteraadsverkiezingen achter de rug zijn, is het een mooi moment om na te gaan of in de Nederlandse situatie de beloofde verkiezingswinst is binnengehaald.

Criteria

Nadat in Groningen besloten was het systeem te organiseren, heeft het afdelingsbestuur op verzoek criteria opgesteld om af te meten of het experiment geslaagd was. Volgens een mail  van 5 juli waren dat de volgende criteria:

  1. Voldoende kandidaten (minimaal 2);
  2. Voldoende vrijwilligers (ongeveer 40);
  3. Vlekkeloos verlopende campagne (geen gedoe tussen kandidaten);
  4. Vlekkeloos werkend IT-systeem en stemproces;
  5. Voldoende stemmers (500 niet leden en minsten 850 kiezers totaal);

Omdat ook beloofd was dat het systeem meer kiezers zou opleveren, is hier een zesde criterium aan toegevoegd.

  1. Relatief betere uitslag dan het landelijk gemiddelde;

Deze Groninger criteria zijn deels direct toepasbaar op Zoetermeer en Utrecht. Hoewel het aantal vrijwilligers verschilt, is voor het tweede criterium geen berekening naar rato van het aantal leden toegepast, omdat in elke gemeente het aantal vrijwilligers afhankelijk is van de noodzaak de verkiezingen te organiseren, kiezers uit te nodigen te stemmen, stembureaus te bemensen en de kandidaten te ondersteunen. Hiervoor is in een kleine gemeente (Zoetermeer) wellicht een kleiner aantal vrijwilligers nodig, maar daar staat tegenover dat het aantal kandidaten daar groter was dan in Groningen, wat het minimum aantal vrijwilligers weer doet stijgen als we niet willen dat een kandidaat in zijn eentje zijn campagne draait.

Als we voor het vijfde criterium uitgaan van een gelijke opkomst in procenten, kunnen we het minimaal aantal leden en niet-leden omrekenen naar rato van respectievelijk het ledenbestand en het bestand aan kiesgerechtigden.  Dit is in onderstaande tabel gedaan.

Criterium 5

Aantal leden

Aantal niet-leden

Totaal

Groningen

350

500

850

Utrecht

496

778

1.274

Zoetermeer

117

245

362

De criteria komen overigens niet geheel overeen met de hooggespannen verwachtingen die er bleken te leven in de afdelingsvergaderingen in Groningen. In de mail van 5 juli stond dat het bestuur schatte dat er tussen de 850 en 7.650 mensen bereid waren te stemmen. We mogen ervan uitgaan dat het bestuur deze criteria dan ook als absoluut minimum zag.

Kandidaten

Aanvankelijk zouden ook in Amsterdam lijsttrekkerverkiezingen worden gehouden. Daar stelde Pieter Hilhorst zich kandidaat. Omdat er zich geen tegenkandidaten aandienden, werd de lijsttrekkerverkiezing geannuleerd. In Zoetermeer, Groningen en Utrecht waren er wel voldoende kandidaten. In de drie deelnemende plaatsen zijn voldoende kandidaten geweest. De kandidaten waren zeker serieus. In Groningen was geen traditie van lijsttrekkerverkiezing. Hier bestond de traditie om de zittende wethouder of beoogd wethouder tot lijsttrekker te verkiezen. In Zoetermeer is er in het verleden altijd om het lijsttrekkerschap gestreden, waarbij een zittende wethouder zich ook kandidaat stelde. In Utrecht stelden drie raadsleden en een zittend wethouder zich beschikbaar. Omdat daar geregeld was dat maximaal drie kandidaten mee konden doen, was er een voorronde voor alleen de leden, die uit de vier kandidaten er drie kozen die mochten meedoen aan de open verkiezingen.

Vrijwilligers

Het aantal vrijwilligers wordt in elk van de drie gemeenten geschat op iets boven de veertig. In Zoetermeer waren er meer vrijwilligers actief in de centrale organisatie, terwijl in Groningen en Utrecht meer vrijwilligers actief waren in de campagneteams van de kandidaten. Hieruit volgt wel dat dit criterium gehaald is.

Gedoe

In geen van de gemeenten is gedoe geweest. In Groningen was er één incident waarbij het adres (url) van een website door een campagnemedewerker was gekaapt, maar de naam van de url is op verzoek van de kandidaat voor wie de kaper campagne voerde aan de tegenpartij afgegeven. Overigens was dat wel van belang, aangezien de kandidaten op één na allen wethouders en raadsleden waren, zodat een harde onderlinge strijd gevolgen zou hebben voor de verhoudingen in de raad of tussen raad en college.

Ict

Een goede afhandeling van het stemmen is uiteraard een voorwaarde voor de verkiezing. Het bleek dat het automatiseringssysteem in geen van de drie gemeenten naar behoren gewerkt heeft.  Waar het precies aan gelegen heeft, hebben we hier niet nader onderzocht, maar mocht ooit weer gekozen worden voor het houden van primaries, dan is het verstandig het systeem grondiger te testen dan nu het geval moet zijn geweest. Het is vrijwel zeker dat een aantal kiezers niet heeft gestemd, doordat ze niet tijdig de problemen met het systeem de baas werden.

Volgens een van de geïnterviewden was het systeem bovendien te complex voor de vrijwilligers die kiezers moesten registreren. Het is van belang om bij herhaling te kiezen voor een meer vrijwilligersvriendelijk systeem.

Opkomst

In onderstaande tabel is het percentage aangegeven waarin de daadwerkelijke opkomst het criterium benaderde. Hieruit blijkt dat het beoogd aantal leden dat zou moeten opkomen in Groningen en Zoetermeer inderdaad gehaald is. In Utrecht bleef het wel achter bij het minimum dat volgens het criterium gehaald zou moeten worden.

 

Leden

Kiezers (niet leden)

Percentage doel

Percentage doel kiezers

Groningen

406

277

116%

55%

Utrecht

420

258

85%

33%

Zoetermeer

125

193

107%

79%

Het belangrijkste is echter vooral dat voldoende niet-leden zouden moeten meedoen. Daar was het immers om begonnen. Als niet-leden meedoen, zo was de redenering, zullen ze bij de echte verkiezing ook eerder op de Partij van de Arbeid stemmen. Nu blijkt dat geen van de drie gemeenten het toch al niet ambitieuze streefgetal van het Groninger afdelingsbestuur haalden. Zoetermeer kwam nog het meest dichtbij. Dat heeft mogelijk te maken met meer aandacht in zowel de landelijke als de lokale media. Zoetermeer had als voordeel, dat zij als eerste afdeling primaries had ingevoerd. Dat feit op zich was nieuwswaardig en heeft mogelijk extra kiezers naar de stembus getrokken. Desondanks is daar het aantal stemmen ver achtergebleven bij het Groninger criterium.
Eén van de kritiekpunten op het systeem van primaries was dat de leden te weinig invloed zouden hebben op de keuze van hun eigen lijsttrekker. In Groningen werd dit ondervangen door leden en niet-leden in cohorten op te delen, waarbij de leden 50 procent van de uitslag zouden bepalen en niet-leden de overige 50 procent. Doordat, wat de ledenvergadering blijkbaar niet had verwacht, meer leden dan niet leden-stemden, had door dit systeem elk lid minder stemkracht dan een niet-lid. Hierdoor deed het bijzondere geval zich voor, dat als je meer invloed wilde hebben op de keuze voor de lijsttrekker, je je lidmaatschap moest opzeggen! Het zal wel niet gebeurd zijn, want het is kennis achteraf.
Een ander kritiekpunt is dat mensen van andere partijen kunnen proberen de stemming te beïnvloeden. Deze mensen moesten wel een formulier tekenen dat ze de PvdA-standpunten aanhangen. In Zoetermeer bleek daadwerkelijk sprake te zijn van beïnvloeding. Daar hebben naar schatting 25 leden van lijst Nawijn en enkele CDA’ers hun politieke standpunten verloochend en meegedaan aan de stemming. Overigens staat vast dat de winnaar zijn overwinning niet te danken heeft aan deze 25 stemmen. De winnaar had in de beslissende ronde 40 stemmen meer dan de nummer twee in Zoetermeer. Dat neemt niet weg dat het een serieus probleem kan zijn bij een verkiezing waar de opkomst niet bijzonder hoog is.

Doorwerking in de uitslag

Om na te gaan of er sprake was van verkiezingswinst, hebben we uitgerekend hoe de uitslag in deze gemeente was in relatie tot de uitslag van 2010 en de gemiddelde uitslag van de PvdA in heel Nederland. In de grafiek is het verliespercentage aangegeven. Elke van de deelnemende gemeenten heeft een groter dan gemiddelde nederlaag geleden. Zoetermeer is nagenoeg gelijk gebleven aan de landelijke trend, maar Utrecht en Groningen hebben het slechter gedaan.

Nu heeft elke plaats zijn eigen verhaal. In Groningen woedde binnen de PvdA een politieke crisis die ruim een jaar voor de verkiezingen leidde tot het vertrek van twee wethouders, een fractievoorzitter en een afdelingsvoorzitter. Er viel dus iets te repareren. Dit is gepoogd met behulp van de primaries en daarna met intensief canvassen.

Voor Utrecht en in mindere mate Groningen moet bij de beoordeling worden meegenomen, dat de PvdA in de grote steden percentueel fors meer verloor dan in gemeenten met minder inwoners. Dat relativeert de uitslag wel in zoverre dat we niet kunnen stellen dat de betreffende gemeenten het door de primaries slechter deden, maar maakt van de zware nederlaag nog geen relatief goede uitslag.

Conclusie

In onderstaande tabel is samengevat hoe de primaries in de drie gemeenten zijn verlopen. Dat de ICT niet goed werkte is misschien niet eens zo belangrijk, want dat moet een volgende keer te organiseren zijn. Verder verliepen de organisatie en de campagnes goed en gingen de kandidaten en hun teams fatsoenlijk met elkaar om. Met andere woorden: dat wat de partij onder controle kon hebben, had ze redelijk goed op orde.

 

Kandidaten

Vrijwilligers

Geen gedoe

ICT

Opkomst

Doorwerking

Groningen

P

P

P

O

O

O

Utrecht

P

P

P

O

O

O

Zoetermeer

P

P

P

O

O

O

 

 

 

Wel viel de opkomst tegen en staat vast dat in geen van de gemeenten is de verkiezingsuitslag positief is beïnvloed. Uit de interviews komt een beeld naar voren dat het houden van primaries voor de verkiezingsuitslag niets uitmaakt. Volgens Werner Kasten, voorzitter van de afdeling Zoetermeer, viel de verkiezing in Zoetermeer te vroeg, maar ook in Groningen en Utrecht wordt geen verband gevonden. Overigens zit er een grens in het naar achteren verplaatsen van de primary. De lijst moet volgens art. F1 lid 1 Kieswet tussen 30 januari en 5 februari worden ingediend en volgens onze statuten moet deze lijst uiterlijk zes weken voor deze datum worden vastgesteld door de afdelingsvergadering (art. 5.8 lid 1). Voor de verkiezingen in maart moet de primary dus voor kerst zijn afgerond.

De conclusie is overigens gerechtvaardigd, zoals in Groningen viel waar te nemen als je niet-leden erover bevroeg, dat het de meeste kiezers niet zoveel uit maakt wie bij gemeenteraadsverkiezingen lijsttrekker van de Partij van de Arbeid is. We kunnen op grond van deze drie experimenten dan ook veilig aannemen dat de primaries niet een weg naar herstel zijn.

Met dank aan Werner Kasten, voorzitter afdeling Zoetermeer, Ruben Post, fractievoorzitter Utrecht en Jeroen Weck, penningmeester afdeling Utrecht.

Lokaal Bestuur kreeg het evaluatierapport over de lijsttrekkerverkiezingen dat voor het partijbestuur is gemaakt, niet ter inzage. 

Uit publicatie Lokaal Bestuur, Jaargang 38 nr. 4 April 2014
Reageer