Deze website gebruikt cookies

Voor een volledige werking van de website worden cookies op uw computer gezet.
Daarnaast worden cookies geplaatst voor het bijhouden van bezoekersgedrag binnen Google Analytics, de werking van social media knoppen en reactiemogelijkheiden op blogberichten.
Wil je meer informatie over hoe www.lokaalbestuur.nl om gaat met uw privacy en welke cookies worden opgeslagen, lees dan ons cookiebeleid.

Inloggen mijn CLB

Ouder worden in de eigen krimpgemeente

Marjolein Wessels

Terwijl de grote steden groeien, neemt het aantal inwoners van het platteland af. Jonge mensen trekken weg, maar ouderen willen juist blijven wonen in de dorpen waar ze hun hele leven hebben doorgebracht. Hoe zorg je voor een goede oude dag in een gebied waar steeds minder mensen wonen? In Groningen is het devies ‘kop d’r veur’. Oftewel met frisse moed aan de slag.

Gert Engelkens is fractievoorzitter van de PvdA in de Provinciale Staten. Hij zag van dichtbij hoe belangrijk het is dat ouderen in hun eigen omgeving kunnen blijven als ze zorg nodig hebben. ‘Mijn oma was al in de negentig toen ze na een operatie in een zorgcentrum terecht kwam, tien kilometer van haar woonplaats. Ze had eerder veel aanloop, altijd bezoek. Nu zat ze op een plek waar ze nauwelijks bekenden had. Het was maar een klein stukje verderop, maar het was voor haar een wereld van verschil. Als provincie gaan we niet over de kwaliteit van de zorg, maar we zetten wel in op zorg die bereikbaar en toegankelijk is voor iedereen. Dat betekent ook een goede spreiding over de provincie.’

Oud worden in je eigen woonplaats is mogelijk, maar heeft wel wat voeten in de aarde

Engelkens ziet in Groningen verschillende initiatieven ontstaan. ‘We hebben hier gelukkig een goede speler in de zorg, die ook in kleine plaatsen zorgcentra overeind probeert te houden. In Winschoten worden bijvoorbeeld wooneenheden in een zorgcentrum verhuurd aan mensen, die minder zorgbehoefte hebben. Zij kunnen wel mee eten en gebruik maken van gezamenlijke voorzieningen. Dat gaat zo goed dat daar nu een wachtlijst voor is. Zo kun je een voorziening in de benen houden en kunnen mensen oud worden in hun eigen woonplaats.’

Het lukt natuurlijk niet altijd. 'Dan zie je gelukkig initiatieven vanuit de bevolking ontstaan. Daar heb ik veel waardering en respect voor. Het is mooi om te zien dat er veel kracht vanuit de bevolking zelf komt. Dat past ook wel bij Groningers.’

Klooster & Buren

Eén van die initiatieven is Klooster & Buren in de gemeente De Marne in het noorden van de provincie. Enkele jaren geleden hebben inwoners hier al woonzorgcentrum ’t Nije Heem opgezet voor zeven mensen met een verstandelijke beperking. Toen het naastgelegen zorgcentrum ’t Olde Heem dreigde te verdwijnen door bezuinigingen, richtten inwoners de coöperatie Klooster & Buren op. Met de aankoop van het pand van ’t Olde Heem door de coöperatie blijft de ouderenzorg behouden voor Kloosterburen.

Mariëtte de Visser is als wethouder zorg van de gemeente De Marne nauw betrokken bij de ontwikkelingen. ‘Het is geen makkelijk proces geweest, maar dat hoort er nu eenmaal bij. Dit is pionieren, je moet onderweg van alles samen oplossen. Wij hebben bijvoorbeeld heel veel moeite gehad met het College Sanering Zorginstellingen. Zij moeten voorkomen dat geld uit de zorg wegvloeit als het vastgoed een andere functie krijgt. Op zich een goede gedachte, je wilt niet dat zorggeld verdwijnt, wanneer een projectontwikkelaar een pand voor een prikkie koopt.’

Op zich begrijpelijke regels en instanties maken het soms lastig om het initatief te nemen

Bij Klooster & Buren ligt dat echter anders. ‘De maatschappelijke doelstelling blijft, het gaat alleen over naar een andere organisatie, nota bene een niet-commerciële organisatie met vrijwel alleen maar vrijwilligers. Daar was de regelgeving niet op toegesneden. We zijn een half jaar bezig geweest om de overdracht van het vastgoed te regelen. Hoe we ook probeerden het proces te versnellen, het lukte niet. Erg jammer, want potentiële bewoners gingen uitkijken naar wat anders, omdat het te lang duurde. Ook moesten andere partijen mee kunnen bieden op het pand. De coöperatie heeft zelfs een hoger bedrag moeten bieden om te voorkomen dat een ander het zou kopen, dat toont wel hoe veel lef ze hebben. Ik ben blij dat het ze gelukt is.’

Hand in eigen boezem

Ook bij de gemeente zelf was er werk aan de winkel. ‘We kwamen erachter dat ons eigen beleid op dit punt niet altijd even handig was,’ vertelt De Visser. ‘De coöperatie werkt op basis van persoonsgebonden budget (pgb). Als we onze criteria voor het toekennen van pgb strak hanteren, zouden we het niet moeten verstrekken voor deze vorm van ondersteuning. Maar we willen de coöperatie heel graag op weg helpen. Zo zit je soms ook jezelf in de weg. We hebben het nu opgelost, je moet daar pragmatisch mee om gaan. Uiteindelijk gaat het om het doel dat je voor ogen hebt.’

De toekomst van de ouderenzorg is kleinschalig

De Visser heeft onlangs met de gemeenteraad van De Marne een bezoek gebracht aan Klooster & Buren. ‘Het was mooi om te zien hoe goed het daar gaat. De bewoners zijn tevreden over hun plek. De coöperatie levert echt zorg op maat. Mensen kunnen aangeven wat ze zelf willen en kunnen doen, en waarbij ze hulp nodig hebben. Als ze graag zelf willen koken, of een deel van het huishouden willen doen, dan kan dat. Op die manier bieden we zorg die niet alleen goedkoper is, maar – en dat vind ik het belangrijkst – goed aansluit bij wat mensen nodig hebben.’

Toekomst

Tweede Kamerlid Albert de Vries heeft onder andere wonen in zijn portefeuille. Hij is enthousiast over deze ontwikkelingen. ‘Ik werk aan een voorstel om in het hele land dit soort kleinschalige woonvoorzieningen te laten komen voor ouderen en mensen met een beperking. Daarbij vind ik de betaalbaarheid erg belangrijk; ook met een kleine beurs moet je bij zo’n kleinschalige voorziening terecht kunnen. Ik denk dat dit soort voorzieningen de toekomst zijn voor onze zorg. We hebben het in Den Haag het afgelopen jaar veel gehad over de slechte zorg in verpleeghuizen. En begrijp me niet verkeerd, daar moeten we natuurlijk wat aan doen. Maar ik denk eigenlijk dat we afscheid moeten nemen van de grote zorgcomplexen. We moeten toe naar kleinschaligheid, zodat mensen in hun eigen omgeving kunnen blijven. Als we kijken naar de vergrijzing, dan stevenen we af op enorme tekorten aan dit soort voorzieningen. Daar moeten we mee aan de slag.’

 

Afbeelding: Ronald van den Heerik | Hollandse Hoogte

 

Uit publicatie Nieuwsbrief, 8 januari 2017

Gerelateerde artikelen:

Kirsten Verdel

Zorg via Skype: allang geen sciencefiction meer

Lees artikel

Jan Chris de Boer

One suit fits all werkt niet in bijstand

Lees artikel

Jan Chris de Boer

Oplopende tekorten en groeiende wachtlijsten in de jeugdzorg

Lees artikel