Deze website gebruikt cookies

Voor een volledige werking van de website worden cookies op uw computer gezet.
Daarnaast worden cookies geplaatst voor het bijhouden van bezoekersgedrag binnen Google Analytics, de werking van social media knoppen en reactiemogelijkheiden op blogberichten.
Wil je meer informatie over hoe www.lokaalbestuur.nl om gaat met uw privacy en welke cookies worden opgeslagen, lees dan ons cookiebeleid.

Inloggen mijn CLB

Is het raadswerk niet leuk genoeg meer?

Jacqueline Kalk en Mieke de Wit

Het is schering en inslag, de berichten dat er weer een PvdA-raadslid is gestopt. En dat terwijl onze fracties toch fors kleiner zijn sinds de laatste raadsverkiezingen. Hoe zit dat? Is het raadswerk niet leuk genoeg meer? Is het gewoon te veel werk of zijn er andere factoren die maken dat raadsleden tussentijds stoppen. Mieke de Wit, medewerker onderzoek en netwerken van het CLB, deed een onderzoek.

Eigenlijk zit niemand te wachten op het tussentijds stoppen van raadsleden. Hij of zij zelf niet: het is toch iets waar je met enthousiasme aan begonnen bent, gemotiveerd om dingen te veranderen. De fractie niet: een ingewerkt fractielid vertrekt en wie de opvolger is, is altijd maar weer afwachten. De kiezer niet: die heeft gekozen zoals er is gestemd. Waarom stoppen er dan veel raadsleden gedurende de rit?

De cijfers op een rij
De PvdA heeft op dit moment 924 raadsleden. Vier jaar geleden waren dat er 1372. Halverwege de vorige periode waren er 102 tussentijds gestopte raadsleden, 7,4 procent. Halverwege deze periode zijn dit er al 113, maar liefst 12,2 procent, een toename van bijna 5 procent. Van deze 113 mensen hebben uiteindelijk zes hun partijlidmaatschap opgezegd.

Ouder en langer raadslid
De man-vrouwverhouding in de groep tussentijds gestopte raadsleden is gelijk aan de verhoudingen in de totale groep raadsleden, 64 procent is man en 37 procent vrouw. Opvallend is de leeftijd van de raadsleden die er eerder mee stopten. Deze groep is beduidend ouder dan het gemiddelde raadslid van de PvdA. Waar het gemiddelde PvdA-raadslid 51,5 jaar oud is, is de groep die eerder stopte gemiddeld 58 jaar. Verreweg het grootste deel (89 procent) heeft een hbo of wo-opleiding. Van de ondervraagden woont 76 procent samen en heeft 42 procent kinderen. Er is geen relatie met de gemeentegrootte. In de gemeenten met een inwoneraantal tot 50.000 is 76 procent van onze eerder gestopte raadsleden te vinden. Dit is in lijn met het gegeven dat 81 procent van de gemeenten een inwoneraantal tot 50.000 heeft. 57 procent van de voortijdig gestopte raadsleden was actief in een gemeente waarin de PvdA deel uitmaakte van de coalitie, terwijl we in slechts 30 procent van de gemeenten nog deel uitmaken van de coalitie.
Het idee dat raadsleden eerder stoppen omdat ze vanuit de oppositie minder kunnen bereiken wordt met deze uitkomst dus niet ondersteund. Ook de grootte van de fractie zegt niet veel over het wel of niet eerder stoppen. 20 procent van de groep die eerder stopte, maakte deel uit van een tweemansfractie.
Verrassend is dat de groep die eerder is gestopt gemiddeld al 8,2 jaar raadslid is. Je zou veronderstellen dat juist deze groep weet wat het inhoudt om raadslid te zijn. Dit staat tegenover een gemiddelde zittingsduur van PvdA-raadsleden van 4,5 jaar.

Samenwerkingsperikelen
De grootste boosdoener blijkt op het menselijk vlak te liggen. 20 procent van de ondervraagde wethouders is eerder gestopt omdat er problemen waren in de samenwerking binnen de fractie. Vooral vrouwen (33 procent) geven aan hier dermate last van te hebben gehad, dat dat de reden was om eerder te stoppen met het raadswerk. In de kleinere PvdA-fracties die we sinds 2014 kennen komen samenwerkingsproblemen sneller aan het licht. In een grote fractie kun je iemand nog mijden, in een tweemansfractie is dat niet mogelijk. Toch lag dit percentage in voorgaande onderzoeken nóg hoger. In de vorige periode (2010-2014) gaf 40 procent van de vroegtijdig gestopte raadsleden als reden de slechte verhoudingen in de fractie. Dit is beduidend meer dan in deze periode.
18,2 procent van de raadsleden noemt de combinatie met werk en andere activiteiten als reden om eerder te stoppen. Daarnaast geeft nog eens 11,4 procent aan ontevreden te zijn over hetgeen ze als raadslid tot nu toe hebben kunnen bereiken. Over de voorbereiding op het raadswerk waren de ondervraagden positief. 90 procent voelde zich goed voorbereid en waardeerde de voorbereiding met een 7,5 op een schaal van nul tot tien. De werkdruk is voor raadsleden ook een reden om eerder te stoppen. Gemiddeld besteden de ondervraagden 16,8 uur aan hun werkzaamheden als raadslid. Dit is iets meer dan het landelijk gemiddelde van 15,9 uur.

Nieuwe kandidatenlijsten
Al met al stoppen in deze periode vooral de meer ervaren raadsleden eerder. Tijdsdruk en problemen in de fractie zijn een belangrijke oorzaak hiervoor. Dit beperkt het plezier dat je kunt hebben in je werkzaamheden als raadslid. De werkdruk is hoog, de nieuwe taken van de gemeente brengen ook voor raadsleden veel nieuw en extra werk met zich mee. Werkbezoeken, je verdiepen in nieuwe terreinen en meer overleg met buurgemeenten omdat veel taken in regionaal verband worden uitgevoerd, zijn daar mede debet aan. Maar ook de soms wel zeer ingewikkelde vergaderstructuur en lastige vergadertijden die in een aantal gemeenten zijn ingevoerd, maken het voor raadsleden niet makkelijker om hun taken uit te voeren. Hou rekening met deze factoren bij het opstellen van de nieuwe kandidatenlijsten.  

Afbeelding: Hollandse Hoogte/Tom van Limpt

 

 

Uit publicatie Lokaal Bestuur, Jaargang 40 nr. 2 Juni 2016
Reageer

Gerelateerde artikelen:

Wouter van der Schaaf

Welke afwegingen maak je als je stopt met het raadswerk?

Lees artikel

Verder in deze uitgave van Lokaal Bestuur
Jaargang 40 nummer 2 juni 2016:

Lees deze artikelen in Lokaal Bestuur:

download pdf word nu abonnee