Deze website gebruikt cookies

Voor een volledige werking van de website worden cookies op uw computer gezet.
Daarnaast worden cookies geplaatst voor het bijhouden van bezoekersgedrag binnen Google Analytics, de werking van social media knoppen en reactiemogelijkheiden op blogberichten.
Wil je meer informatie over hoe www.lokaalbestuur.nl om gaat met uw privacy en welke cookies worden opgeslagen, lees dan ons cookiebeleid.

Inloggen mijn CLB

Het werkt! Negen praktijkvoorbeelden en tips

Diverse auteurs

Het werkt !1: Den Haag

ECHT WERK VOOR ECHT LOON

De PvdA is de partij van werk, werk, werk. Werk is de belangrijkste manier om mee te doen in de maatschappij. Het draagt bij aan voldoening en geluk. Mensen die werken doen mee, ontwikkelen zich en vinden een weg uit de armoede.

Diederik Samsom noemde bij de algemene politieke beschouwingen ‘het terugdringen van de onacceptabel hoge werkloosheid en jeugdwerkloosheid’ de belangrijkste opgave voor de PvdA. Diezelfde opdracht ervaar ik als raadslid. Net als de PvdA in andere gemeenten proberen wij als Haagse fractie de werkloosheid terug te dringen door banenplannen, jeugdwerkloosheidambassadeurs en social returnregelingen.

Onze wethouder Henk Kool en raadslid Abderrahim Kajouane werken daar continue aan. Maar ondanks al onze inzet kunnen we de stijgende werkloosheid hiermee geen halt toeroepen. Wat we voor elkaar krijgen lijkt eerder een druppel op een gloeiende plaat. Bovendien is er steeds het gevaar van verdringing van arbeid, doodlopende re-integratietrajecten en tijdelijke contracten met weinig perspectief. Natuurlijk betekent dat niet dat we onze inspanningen moeten staken. We moeten juist onverminderd hard doorgaan. Iedere kans op een baan is er één. Voor degene die een baan krijgt is het een wereld van verschil.

Ook in deze crisistijd zijn er mogelijkheden voor gemeenten om de economie en de banenmarkt te stimuleren. Dat doen we door te investeren in de stad en door in de metropoolregio Rotterdam-Den Haag samen te werken aan economische groei, werkgelegenheid en daarmee de regio aantrekkelijker te maken. De bouw is altijd een aanjager geweest van de stedelijke economie. Hier liggen ook in de komende jaren veel kansen. Door de inkrimping van de landelijke overheid komen er in onze stad veel kantoorpanden leeg. Dat is zorgelijk, maar schept ook kansen. Door te blijven bouwen, te renoveren en met creatieve oplossingen te komen, krijgen we de stad weer aan het werk.

In oktober hebben we de discussie over de bouw van het Spuiforum afgerond. Het kostte ons als lokale PvdA heel veel moeite om ons achter deze investering te scharen. De bouw van het Spuiforum levert 500 arbeidsjaren werk op. Dat is een directe impuls voor de werkgelegenheid in de stad! Het stimuleren van cultuur en het creëren van werkgelegenheid zijn voor ons als PvdA altijd belangrijke opgaven. Maar als investeringen dichtbij komen in een tijd van economische tegenspoed, worden we terughoudend, terwijl je juist dán moet blijven investeren als stad.

Frustratie

Frustratie ervaar je als raadslid wanneer mensen wel willen en kunnen werken, maar geen baan vinden. Soms vragen we dan om te werken met behoud met uitkering. Als Haagse PvdA-fractie zijn we niet tegen het werken met behoud van uitkering als het dient om mensen te re-integreren, maar het mag nooit leiden tot verdringing van echte banen op de arbeidsmarkt. Werken met een uitkering kan helpen als opstapje, maar we moeten oppassen dat mensen daarin niet blijven vastzitten, of dat werkgevers er op blijven rekenen. Iedereen moet voldoende betaald krijgen voor het werk dat hij of zij doet.

In het verleden werden Melkertbanen en Ooievaarsbanen daar ingezet waar mensen hard nodig waren, bijvoorbeeld als conciërge op scholen. Dat zijn banen waar we gewoon voor moeten willen betalen. We dreigen te vaak in te zetten op vrijwilligers, omdat we geen geld willen uittrekken voor professionals. Terwijl we wel steeds weer benadrukken hoe belangrijk het werk is dat ze doen. Vrijwilligerswerk is prima naast een stabiel inkomen uit werk of pensioen, maar we mogen belangrijke zaken niet totaal afhankelijk maken van de bereidheid van vrijwilligers om zich daar kosteloos voor in te zetten.

Eenzelfde dilemma hebben we met stageplaatsen. Mijn collega Rajesh Ramnewash maakt zich namens ons al drie jaar hard voor stageplaatsen. We zijn blij met de oproep van onze PvdA-Kamerleden dat de school uiteindelijk verantwoordelijk is voor het vinden van stageplaatsen. Het volgen van een stage gaat om het opdoen van werkervaring. In Den Haag is er veel particulier initiatief om studenten stageplaatsen te geven. Dat is goed, maar het moet niet zo zijn dat stagiairs alleen nog maar met andere stagiairs werken, in plaats van met professionals.

Werk is en blijft een belangrijk onderwerp van gesprek en discussie in de lokale politiek. We zijn nog lang niet uitgepraat; en dan heb ik het nog niet eens gehad over de uitdaging en kansen van de Participatiewet!

Lobke Zandstra
Raadslid in Den Haag

 

Het werkt! 2: Montferland

JONGEREN AAN DE SLAG

Eind 2012 diende de PvdA-fractie in Montferland een motie in over jeugdwerkloosheid. De motie, die met algemene stemmen werd aangenomen, vroeg aan het college om te onderzoeken of jongeren tot 27 jaar in gemeentedienst aangenomen kon worden, in de vorm van een werkervarings- of een stageplaats. Kortom: onze gemeente diende zelf het goede voorbeeld aan andere werkgevers te geven.

De wethouder personeelszaken trok zich de motie aan en ging ermee aan de slag. Duidelijk was dat de werkloosheid onder jongeren in de regio Achterhoek sterk gestegen was. Zo is hier het aandeel jongeren in de bijstand 10 procent, in Montferland 11 procent en in Nederland 9 procent (cijfers kernkaart.nl, 2012). Vooral jongeren onder de 27 jaar hebben het moeilijk bij het vinden van een baan. Als je net klaar bent met je opleiding heb je als jongere immers nog geen werkervaring en dat is wat veelal telt op de arbeidsmarkt.
Jeugdwerkloosheid is zo’n belangrijk onderwerp geworden dat dit de nadrukkelijke aandacht heeft van de landelijke en zelfs de Europese politiek. Om de jeugdwerkloosheid in Montferland terug te dringen is er nu, een jaar later, door de gemeente een project opgezet waarbij vijf jongens en één meisje aan de slag konden. Maar liefst vijftig jongeren hadden zich tijdens de sollicitatieprocedure gemeld voor dit project. Op 1 oktober zijn de zes jongeren bij de gemeente aan de slag gegaan in een werkervaringsplaats voor een periode van drie jaar. De zes - vijf hebben een HBO-diploma, één een MBO-diploma - , zijn geplaatst op verschillende afdelingen, van archief tot vastgoedbeheer.
De keuze om zes jongeren aan een werkervaringsplaats te helpen, kost de gemeente geld maar dat is het ons dubbel en dwars waard. Op andere onderdelen in de organisatie worden nu minder kosten gemaakt, bijvoorbeeld voor het inhuren van relatief dure externe deskundigen. De kans dat deze jongeren uiteindelijk doorstromen naar een vaste werkplek in de gemeente is overigens niet uitgesloten. Nu al doen ze gemeentelijke taken waar intern vraag naar is. Verder zijn er, zoals bij veel gemeenten, veel oudere medewerkers in dienst die te zijner tijd met pensioen gaan. Door daar nu al een jongere aan te koppelen, snijdt het mes aan twee kanten. De gemeente heeft weer een tijd lang ‘vers bloed’ in haar organisatie en de jongere doet werkervaring op om te kunnen doorstromen naar eventueel ander werk.
Als PvdA-fractie zijn we trots op dit resultaat. Natuurlijk weten we dat kleine aantallen de totale jeugdwerkloosheid niet oplossen, maar voor deze jongeren in onze gemeente betekent drie jaar lang werkervaring opdoen een wereld van verschil!

Diana Büttner
Fractievoorzitter in Montferland              

 

Het werkt! 3: Assen

AAN DE SLAG BIJ DE POLITIE

Dankzij een PvdA-initiatief gingen in september 2011 in Assen acht werkloze jongeren aan de slag bij de Regiopolitie Drenthe. Het gaat om jongeren die een theoretische opleidingen hebben gevolgd bij het Drenthe College in Assen. Ze kregen voor twee jaar een werkervaringplek.

Het idee om werkloze jongeren een kans te bieden om werkervaring op te doen in ondersteunende taken bij de politie, ontstond al in 2010  tijdens een ontmoeting die ik had met  met politiedistrictchef Piet Dol. Najaar 2011 kwam er een pilot voor twee jaar waarin  jongeren in een zogeheten BBL-traject (BeroepsBegeleidende Leerweg) werkervaring op konden doen, en tegelijkertijd de mogelijkheid hadden de pilot af te sluiten met het behalen van een diploma. Het was een groot succes. De jongeren - en hun begeleiders van de politie -  waren ontzettend trots toen zij na twee  jaar hun diploma’s in ontvangst mochten nemen.

Het project kreeg veel publiciteit. De politie en andere gemeenten wilden er heel graag mee aan de slag. Ik ben veel gebeld en gemaild over hoe we dit in Assen voor elkaar hebben gekregen.

PvdA-Kamerlid Ahmed Marcouch diende in de Tweede Kamer een motie in waarin de minister van Justitie werd verzocht een onderzoek in te stellen naar een landelijke uitrol van het Assense project. De motie werd met grote meerderheid aangenomen en de minister zegde toe haar te zullen uitvoeren. Maar in juni 2013 kwam er een bericht bij de gemeente Assen binnen van het ministerie van Justitie, dat er vanwege budgettaire redenen geen mogelijkheden meer waren om het project voort te zetten. Het is ‘on hold’ gezet. Ik heb er vragen over gesteld aan de waarnemend burgemeester van Assen en Marcouch heeft hetzelfde gedaan in de Tweede Kamer maar dit heeft nog niet geleid tot een uitkomst. Er zijn echter hoopvolle contacten met de bedrijfsspecialist van de Nationale Politie Noord Nederland, de gemeente Assen en Werkplein Baanzicht. De vertegenwoordiger van de politie heeft dringend geadviseerd om nog eens goed te kijken of de uitrol van het project wellicht toch mogelijk is, met een verwijzing naar de plannen van minister Asscher en naar het Sociaal Akkoord.

Het woord is nu aan de politiek. In de portefeuille van onze minister Asscher zit nog heel veel geld. Asscher heeft regelmatig naar buiten gebracht dat er honderden miljoenen beschikbaar zijn voor bestrijding van jeugdwerkloosheid. Het zou fijn zijn als de ministers van Justitie en van Sociale Zaken elkaar hierin kunnen vinden. De gemeenten willen het, de politiemensen willen het, nu zijn degenen die het geld beschikbaar moeten stellen aan bod. Kom op PvdA-minister. Graag ACTIE! Ik blijf erin geloven!

Hilly Vrieling
Vicefractievoorzitter in Assen

 

Het werkt! 4: Vaals

WINTERWERK

 In Vaals ben ik in 2010 begonnen met een grote reconstructie van een weg. De oude weg was gelegd in rode klinkers. Als social return hebben we toen een ploegje mensen aan het werk kunnen zetten die deze klinkers mooi afbikten en op pallets plaatsten, zodat we ze ook weer konden opslaan en hergebruiken. Het was hartje winter met flink veel sneeuw. Ik kreeg via de media natuurlijk in eerste instantie een berg commentaar. De mannen die waren ingezet werden door het slechte weer extra gemotiveerd om ook ander werk te zoeken. Twee heren hadden binnen een week nieuw werk! Maar ik kreeg ook blije gezichten te zien. Blij dat ze het huis uit waren, weer onder andere mensen waren. Door de hevige sneeuwval werden de mannen tevens ingezet om de stoepen in het dorp sneeuwvrij te houden. Waardering door de inwoners was er in zeer grote mate. De mensen die ingezet werden, kregen kopjes koffie met koek aangeboden. Het project heeft hen veel goed gedaan.

Hierna zijn we heel praktisch aan de slag gegaan met allerhande kleine projectjes: boomhutten in het bos weer opknappen, een klussendienst, hulp bij de buitendienst (werkzaamheden aan weg, stoep en groen), strijkservice, boodschappenhulp, sneeuwopruimploeg enzovoorts.
Op deze manier hebben veel mensen weer een ritme in de dag gekregen en waardering voor hun werk. Er zijn drempels weggenomen, ze kunnen nu met opgeheven hoofd solliciteren.

Juliette Verbeek-Benink
Wethouder in Vaals

 

Het werkt! 5: social return

TROETELKIND OF HERSENSCHIM?

‘Investment on social return’. Een deftige naam voor iets dat een gewone oplossing zou moeten zijn voor een schrijnend probleem: hoe houden en krijgen we kwetsbare mensen in ons land weg achter de geraniums?

We moeten langer doorwerken. Melkertbanen bestaan niet meer. Sociale werkplaatsen worden gemarginaliseerd. Waar in het bedrijfsleven is dan nog werk voor ‘mensen met een vlekje’? ‘Het bedrijfsleven moet hier ook verantwoordelijkheid voor nemen’, zo heeft onze eigen staatssecretaris Jetta Klijnsma al eerder gezegd. Maar vaak - misschien wel bijna altijd - is de werkelijkheid in datzelfde bedrijfsleven weerbarstiger dan de sociale wensdroom in een nota. De werkgevers willen wel maatschappelijk verantwoord ondernemen, maar dat bij elk bedrijf het creëren van sociale werkgelegenheid een topprioriteit is? Nou nee.

Hier moet een wortel voor de ezel worden gehangen, zo bedachten niet alleen - maar wel vooral – PvdA’ers in alle echelons van het publieke domein. In de Tweede Kamer werd door Marriët Hamer begin 2012 een motie ingediend bij de Aanbestedingswet, waarbij de regering werd verzocht ‘om sociaal en duurzaam aanbesteden bij de decentrale overheden verder te stimuleren en te faciliteren, en de medeoverheden meer informatie en kennis te verschaffen over sociaal aanbesteden, met bijzondere aandacht voor de inzet van arbeidsgehandicapten.’ In de Eerste Kamer deed PvdA-senator Janny Vlietstra het in het najaar 2012 nog eens dunnetjes over.

Aanbesteden met ‘social return’ bleek al eerder een snaar in het land te hebben geraakt. PvdA’ers bij provincies, gemeenten en waterschappen beseffen, dat hun budget voor aanbestedingen, uitbestedingen en inkoop de wortel kan zijn, waardoor bedrijven kunnen worden ‘verleid’ om ook sociale werkgelegenheid te creëren. Zo hebben inmiddels tientallen gemeenten, tenminste drie provincies en drie waterschappen social return als eis bij aanbestedingen op de agenda gezet.

Uitdagend verder

Piet Wanrooij, Statenlid in Gelderland en gemeentesecretaris in Neerijnen: ‘In september 2012 namen Provinciale Staten mijn initiatiefvoorstel Uitdagend verder met social return  aan. Social return moest als eis worden opgenomen bij aanbestedingen en grote opdrachten.

Dat hoeven niet alleen banen te zijn, het kan ook ingevuld worden met werkervaringsplaatsen, stageplekken, een sociale paragraaf of via een verzoek om ideeën. Ook aan de regionale werkgelegenheid bij het lokale MKB was gedacht. Aanbestedingen kunnen immers best in kleinere bestekken worden opgeknipt. Zo wordt het werk behapbaar voor de kleintjes.

En natuurlijk is nog maar eens benadrukt, dat het eigen personeelsbestand voor 5 procent uit arbeidsgehandicapten moet bestaan.

Zijn er al resultaten te melden? Piet: ‘De provinciale rekenkamer is gevraagd een nulmeting te doen, en de social return-plannen te beoordelen op haalbaarheid. Zoals zo vaak blijkt de werkelijkheid ingewikkelder dan gedacht. Zo moeten de uitgangspunten en voorwaarden voor sociaal aanbesteden volgens de rekenkamer nog behoorlijk worden aangescherpt. Het gaat dus niet vanzelf, de ambtenaren werken er hard aan. We hebben het neergezet als een verandertraject en dat werkt prima. We zouden nog moeten werken aan een keurmerk voor sociaal ondernemerschap, een soort KEMA-keur. Bedrijven die deugen, gunnen we het werk!

Haarlemmermeer

De gemeente Haarlemmermeer behoort met een raadsmotie uit 2011 tot de koplopers van het sociaal aanbesteden. Dat verklaart ook de relatieve voorsprong die Haarlemmermeer op andere kleinere gemeenten heeft.

Bij de inkoop door de gemeente van relatief eenvoudig werk zoals verhuisdiensten, schoonmaak, catering, groenvoorzieningen, reiniging openbare ruimte, huishoudelijk afvalbeheer en hulp in het huishouden, dient minimaal 10 procent van de opdrachtsom besteed te worden aan personen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Bij overige aanbestedingen wordt meer maatwerk geleverd.

Natasja Boom, als ambtenaar betrokken bij inkoop en aanbestedingen van de gemeente: ‘Pas in maart 2014 wordt een eerste evaluatie van het werken met social return over 2012 en 2013 aangeboden aan onze raad. Namens de portefeuillehouders Bak (CDA) en Nobel (PvdA) mag ik toch vast één concreet resultaat melden. Bij onze schoonmaakleverancier zijn voor een nieuw contract drie mensen uit onze kaartenbakken voorgedragen. Twee proefmaanden werkten ze met behoud van uitkering op gemeentelijke projecten en leerden zo het vak. Daarna zijn ze in gewone dienst van het schoonmaakbedrijf getreden. Inmiddels heeft het schoonmaakbedrijf meer mensen op die basis aangenomen.

Waterschappen

Waterschappen zijn grote investeerders in aanleg en onderhoud van waterprojecten. Het betreft niet alleen hoog gekwalificeerd werk, zoals ingenieursbureaus die worden ingeschakeld bij het ontwerp van grootschalige projecten, maar ook eenvoudiger werk zoals grondverzet, dijkverbetering, baggeren, maaien van watergangen en dijkhellingen, aanleg en onderhoud van persrioleringen en zuiveringsinstallaties en onderhoud van milieuvriendelijke oevers. Daar kan ook een hoop werkgelegenheid voor minder hoog opgeleide arbeidsgehandicapten worden gecreëerd.

Rob Bots ( PvdA-fractievoorzitter Aa en Maas): ‘Ons waterschap besteedt op jaarbasis 100 miljoen aan werken uit. We hebben ook een motie social return aangenomen, maar we zijn nog niet zo ver dat we resultaten kunnen melden.’ Hetzelfde geldt voor waterschap Rivierenland. Ook daar is in november 2012 een motie social return aangenomen, maar de ambtenaren werken een jaar later nog hard aan de uitwerking van deze motie. Waterschap Noorderzijlvest kan al wel een geslaagde aanbesteding met social return noemen. Yvonne Morselt (PvdA Noorderzijlvest): ‘Het betreft de bouw van een brug, Pamazijl nabij Niehove. Het aannemersbedrijf dat deze brug gegund heeft gekregen, laat mensen met een kwetsbare arbeidsmarktpositie werkervaring opdoen bij het project. Daarbij werken ze volgens het meester-gezelprincipe. Bevalt de arbeidsrelatie wederzijds, dan kan die ook na dit project worden voortgezet. Het werk is in september van dit jaar gestart.’

Cathrijn Haubrich
Lid AB waterschap Rivierenland

 

Het werkt! 6: Zoetermeer

WERKTOP+

Sociale zaken heet bij ons Werk, Zorg en Inkomen. Werk staat voorop. Dat is in mijn 12 jaar als wethouder ook altijd de focus geweest. Een uitkering als vangnet blijft belangrijk, maar het gaat er nog meer om dat mensen actief zijn en meedoen naar vermogen. 

Hoewel ook in Zoetermeer de werkloosheid hard oploopt  - en in economisch slechte tijden zelfs harder dan landelijk gemiddeld - is de gemeente relatief succesvol als het gaat om het weer aan een baan helpen van mensen uit de bijstand. In zowel 2011 als 2012 had Zoetermeer zelfs de hoogste uitstroom (mensen weer aan het werk), namelijk respectievelijk 12 procent en 14 procent (ruim 500 mensen), terwijl dat percentage landelijk op 8 procent lag.

In de stad is de afgelopen jaren een innige samenwerking ontstaan tussen bedrijfsleven en overheid in de Sociaal Economische Agenda (SEA) en in het Sociaal Economisch Platform (SEP). De samenwerking is gericht op het verbeteren van het ondernemersklimaat en de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt en op het creëren van meer werk voor werkzoekenden. Onlangs opende staatssecretaris Klijnsma Ondernemershuis Ter Zake, dat zij-aan-zij staat tegen het lokale Werkplein. De gemeente betaalt de bakstenen, ondernemers doen de activiteiten en programmering. Verder is Zoetermeer centrumgemeente in de arbeidsmarktregio Zuid-Holland Centraal.

Er is maar één plek waar ik werk kan vinden voor werkzoekenden: bij ondernemers, bij bedrijven. Daarom heb ik samen met mijn collega-wethouder Economische Zaken de lokale ondernemersvereniging SEA opgezet. Die samenwerking staat nu als een huis en heeft met het Ondernemershuis een eigen thuishonk. Het is nu tijd om die samenwerking naar regionaal niveau te brengen.

Zoetermeer is altijd op zoek naar nieuwe mogelijkheden voor re-integratie. Bij wijze van proef is Zoetermeer, in samenwerking met bedrijven, gekomen met de ‘Werktop+’-aanpak: re-integratie op de werkvloer. Klanten met een afstand tot de arbeidsmarkt worden tijdelijk gekoppeld aan ondernemers die extra handen kunnen gebruiken. Vaak zeggen ondernemers: ‘Ik heb geen vacature, maar wel werk.’ Ondernemers stomen de deelnemers klaar voor echte banen. Veelal krijgen werkzoekenden die voor een klus binnenkwamen, na enige tijd een vaste baan bij het bedrijf. Deze manier van werken vraagt wel een omslag in de organisatie. Klantmanagers moeten rechtstreeks samenwerken met ondernemers. Dat vraagt nieuw vakmanschap bij onze medewerkers. Daar investeren we in.

PPS-constructie

Om deze omslag te maken heeft Zoetermeer als tussenstap de aanpak in een publiek-private samenwerking (PPS) gegoten met een privaat expertisebedrijf. Gezamenlijk ontwikkelen we de aanpak, brengen we inzicht in de kosten en effectiviteit en slijpen de werkwijze scherp. Investeringen en opbrengsten bij uitstroom worden gedeeld op ‘no cure, no pay’ basis. Van beide kanten worden medewerkers ingebracht in één team.

In de Werktop+ worden deelnemers na een korte voorbereiding bemiddeld naar een werkervaringsplaats.  Daar worden werknemersvaardigheden ontwikkeld en ‘gecertificeerd’. We geven deelnemers ‘een gezicht’ door middel van een video-cv. Vervolgens wordt de stap naar een echte baan gezet. Jobcoaching en het ‘ontzorgen’ van de werkgevers  zijn hierbij belangrijke succesvoorwaarden. De resultaten van de Werktop+ zijn veelbelovend: beter, sneller en goedkoper.

Wethouder Edo Haan: “In Zoetermeer zijn we er in geslaagd om de sociale dienst om te vormen van een uitkeringsfabriek naar een werkinstantie. Klantmanagers, de wethouder, wij allemaal richten ons op werkgevers, op werk, om er voor te zorgen dat werkzoekenden zo snel mogelijk, al dan niet tijdelijk, aan de slag gaan bij een bedrijf. Deze werkgeversbenadering is de beste manier om uit de uitkering te komen en weer volop te participeren in de samenleving.”

 

Edo Haan
Wethouder in Zoetermeer

ZOETERMEERSE PVDA-FRACTIE PUBLICEERT PLAN VAN DE ARBEID

Dat de Zoetermeerse PvdA werk maakt van de bestrijding van de werkloosheid laat zij in het college en in de gemeenteraad zien. Onlangs zijn in de gemeenteraad tien voorstellen uit het Zoetermeerse Plan van de Arbeid overgenomen. Zo denken de PvdA-raadsleden Anja van Zantvoort en Krishna Autar meer mensen uit de bijstand te halen. Zij zijn blij dat al hun voorstellen nu betrokken worden bij de uitwerking van de plannen van het college. Het Zoetermeers college denkt 17 procent van de bijstandsgerechtigden aan werk te kunnen helpen. Een knappe prestatie nu er minder werk en een beperkt budget is. Dan moeten echter nog steeds veel mensen zelf aan de slag zien te komen. Binnen deze groep zijn nog veel meer mensen arbeidsfit genoeg om ook snel aan het werk te kunnen. Daar valt ook wat aan te doen als er nog slimmer wordt samengewerkt en als de eigen kracht van werkgevers, werknemers, gemeente, organisaties en scholen wordt benut. Zo willen de sociaaldemocraten werkzoekenden als buddy aan elkaar koppelen, zodat zij onder regie van de klantmanagers elkaar steunen op zoek naar werk. Steeds meer werkzoekenden zijn immers heel wat mans en kunnen best iets voor elkaar betekenen, zo blijkt ook nu al. Daarbij is een specifieke aanpak voor jongeren en ouderen onontbeerlijk. Werkzoekenden kunnen ook meer en actief in contact gebracht worden met werkgevers. Verder is het belangrijk om het aantal bedrijven en maatschappelijke organisaties dat met de gemeente samenwerkt uit te breiden, onder andere door subsidievoorwaarden en de regels voor inkoop en aanbesteding waar mogelijk aan te passen. Dankzij de PvdA’ers komt er in februari een conferentie met ondernemers waarbij het vestigingsklimaat op de agenda staat en het gebruik van microkredieten, bijvoorbeeld via de Stichting Microfinanciering Nederland Qredits. Ook willen de PvdA’ers dat er een pilot komt waarin bedrijven werkzoekenden adopteren en hen actief coachen. Tenslotte kan de gemeente ook zelf (tijdelijk) werk en stageplekken bieden aan mensen met een uitkering. Van Zantvoort en Autar zijn blij dat ze deze stappen in gang konden zetten, maar zien het als een hele opgave voor de nieuwe fractie om er bij de komende decentralisaties voor te zorgen dat er voldoende budget blijft. Wordt vervolgd dus. 

Het Zoetermeerse Plan van de Arbeid is te downloaden via http://pvdazoetermeer.nl/pvda-presenteert-zoetermeers-plan-van-de-arbeid/
Meer weten?anjavanzantvoort@raadzoetermeer.nl, 06-22799492 of krishnaautar@raadzoetermeer.nl, 06-54632313.

 

Het werkt! 7: Venlo

RE-INSPIRATIE

Vooral niet te veel beleid op papier zetten, maar de mensen uit de praktijk de ruimte geven om keuzes te maken. Dat is de kern van het beleid dat we in Venlo hebben neergezet sinds ik acht jaar geleden verantwoordelijk werd voor de portefeuille werk en inkomen.
Dat beleid heeft prachtige resultaten opgeleverd. Zo ontvangt sinds enkele jaren niemand onder de 27 jaar meer een uitkering, maar krijgen jonge mensen een arbeidsovereenkomst en een salaris. Ze blijven wel meetellen als bijstandsgerechtigd, maar ontvangen geen bijstand. Hierdoor is de relatie tussen werkcoach en werkzoekende veranderd. Samen werken ze aan het vinden van werk en maken daar ook werkafspraken over. De werkzoekende wordt geprikkeld zijn of haar talent te gebruiken en voelt veel meer trots en minder afhankelijkheid. We spreken in Venlo niet meer over re-integratie, maar over re-inspiratie. Niet alleen van de werkzoekenden, maar ook van onze medewerkers. Het is weer leuk om bij de sociale dienst te werken, ofwel de afdeling Samen Leven en Werken, zoals we het nu noemen.
Toen ik in 2006 begon als wethouder, vond het eerste persoonlijke gesprek tussen werkcoach en werkzoekende over werk gemiddeld pas zeven maanden na aanmelding bij het toenmalige CWI plaats. Medewerkers hadden een case-load tot 250 ‘cliënten’ en er waren controleurs die de controleurs controleerden… Werkprocessen waren in stukjes opgedeeld, waardoor niemand de klant echt goed kende. De organisatie was vooral gericht op het verstrekken van uitkeringen en werkgevers waren al helemaal niet in beeld. Daar waren de (duur betaalde) re-integratiebureaus immers voor.
Nu is dat heel anders. Een werkcoach is verantwoordelijk voor alle vraagstukken van de maximaal 40 werkzoekenden waar hij of zij mee samenwerkt. Of het nu het vinden van werk, het ontwikkelen van vaardigheden, het wegwerken van schulden of het vergaren van inkomen betreft. Maar ook de alledaagse beslommeringen waar de werkzoekende of zijn of haar naasten mee zitten. Een werkcoach herkent zijn mensen al aan hun stem en weet wat er speelt in hun leven. Binnen twee weken nadat een werkzoekende zich meldt bij het Werkplein, zijn er al ruim 20 uur in de vorm van workshops besteed aan het in kaart brengen van kansen en uitdagingen in het leven van de werkzoekende en aan het opstellen van een plan om hiermee aan de slag te gaan. De werkcoach en werkzoekende gaan allebei op pad naar potentiële werkgevers, om vacatures te vinden.
We zijn onlangs gestart met een aanpak om de ervaring van oudere werkzoekenden in te zetten als coach bij werkgevers om jonge mensen op de werkvloer te begeleiden. Op die manier creëren we werkervaringsplekken bij werkgevers die het in de crisis niet zelf kunnen organiseren, in sectoren waar bedrijven binnenkort weer staan te springen om goede mensen. Zo bieden we zowel perspectief aan oudere werkzoekenden als jonge leerlingen en werkzoekenden die anders geen stageplaats of werkervaringsplek kunnen vinden.
Wat uiteindelijk telt is het resultaat. En die resultaten mogen er zijn. Als we kijken naar het aantal mensen dat duurzaam uitstroomt naar werk zitten we in de top van Nederland, vooral bij jongeren. In dezelfde periode dat het aantal jonge werklozen landelijk met ruim 50 procent is gestegen, is het aantal bijstandsgerechtigden onder de 27 jaar in Venlo met maar liefst 26 procent gedaald.

Ramon Testroote
Wethouder in Venlo

 

Het werkt 8! Apeldoorn

SOCIAAL ONDERNEMEN

Sociaal ondernemen moet je nu al stimuleren, vindt de gemeente Apeldoorn. Met de naderende Participatiewet is het van belang een goede samenwerking met ondernemers op te bouwen, zodat straks zoveel mogelijk mensen een plekje vinden op de arbeidsmarkt. Overheid en ondernemers moeten hierover in gesprek gaan én blijven. Apeldoorn werkt hieraan met verschillende projecten.

Sinds 2011 besteedt Apeldoorn sociaal aan: als opdrachtgever kun je zo werkgevers stimuleren om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in dienst te nemen.

Binnen aanbestedingen wordt in principe geëist dat 5 procent van de projectsom of 10 procent van de loonsom binnen het project besteed moet worden aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en/of werkzoekenden. Maatwerk is hierin belangrijk: soms is een lager percentage realistischer, maar ook kan meer mogelijk zijn!

Succesfactoren

Om sociaal aanbesteden tot een succes te maken zijn de volgende factoren van belang:

- Eén aanspreekpunt binnen de organisatie, waardoor interne en externe contacten goed kunnen worden geholpen.

- De projectleider moet kennis hebben van de arbeidsmarkt, het bestand aan werkzoekenden en inkoopprocessen en moet daarnaast in staat zijn een relatie met werkgevers op te bouwen en te onderhouden.

- Borging van het proces ná aanbesteding is van groot belang. Contact met de werkgever, concrete afspraken en monitoring zorgen voor een optimaal resultaat. Al is het de verantwoordelijkheid van de werkgever om te doen wat gevraagd wordt, ondersteuning blijft nodig. Dat kan het beste gebeuren door iemand die zowel de vraag- als aanbodkant van de arbeidsmarkt in beeld heeft.

- Sociaal aanbesteden is maatwerk. Kiezen voor een brede doelgroep maakt dat maatwerk ook mogelijk. Werken binnen het groenonderhoud blijkt vooral geschikt voor de doelgroepen WSW en WWB. De werkplekken die voortkomen uit de aanbesteding Externe Inhuur worden vooral ingevuld door de WW-doelgroep.

- Een goede samenwerking met inkoop is van groot belang. In onderling overleg worden binnen de geldende aanbestedingsregels de mogelijkheden bepaald voor de diverse vormen van sociaal aanbesteden. Zo kan een optimaal resultaat worden behaald.

Prestatieladder

Samen met werkgevers lukt het de gemeente om mensen te bemiddelen naar een betaalde baan. Daarnaast komen we hierdoor ook in gesprek met ondernemers over het thema sociaal ondernemerschap. Om werkgevers te stimuleren om mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt in dienst te nemen, werkt de gemeente met de Prestatieladder Sociaal Ondernemen (PSO). Dat is een onafhankelijk keurmerk dat meet wat ondernemers op dit moment doen op het gebied van sociaal ondernemen. De PSO is ontwikkeld door TNO, in samenwerking met werkgevers en SW-bedrijven. Apeldoorn heeft als eerste gemeente in Nederland de PSO ingezet in een aanbesteding. Een PSO-certificaat levert een bedrijf daarbij een fictieve korting op in de aanbesteding. Om ondernemers te stimuleren een PSO-certificaat aan te vragen, stelt de gemeente subsidievouchers beschikbaar. En, niet onbelangrijk, de gemeente Apeldoorn heeft zichzelf ook langs de meetlat gelegd en is gecertificeerd op trede 3.

Akkoord van Beekbergen

In juni 2013 hebben ondernemers, onderwijs, onderzoek en de overheid in de Stedendriehoek (Apeldoorn, Deventer, Zutphen) het Akkoord van Beekbergen ondertekend. Daarin staan doelstellingen en afspraken op het gebied van onderwijs en arbeidsmarkt.
De vier doelstellingen voor regio Stedendriehoek zijn:

  1. Laagste werkloosheid van Nederland
  2. Elke vacature goed en snel vervuld
  3. Iedereen minimaal een startkwalificatie
  4. Ook alle mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt actief

Apeldoorn Scoort is één van de vijftien projecten uit het Akkoord van Beekbergen; een concept gestoeld op het succesvolle Deventer Scoort. Een social community vóór en dóór ondernemers om meer kansen te creëren voor kwetsbare doelgroepen op de arbeidsmarkt. Op dit moment worden de eerste gesprekken gevoerd met ondernemers voor de opzet van de social community.

Team werkgeversdiensten

De accountmanagers werkgeversdiensten werken intensief samen met SW-bedrijf Felua-groep. Er zijn ook gesprekken met ondernemers over de mogelijkheden voor diverse doelgroepen en de inzet van stages en leerwerktrajecten. Naast één-op-één contacten met werkgevers, worden inspiratie- en netwerkbijeenkomsten georganiseerd waar onder andere ondernemers een ambassadeursrol kunnen vervullen.

Johan Kruithof
Wethouder in Apeldoorn

 

Het werkt! 9: Limburg

ZONDER GRENZEN

De bijzondere ligging van Limburg biedt niet alleen veel kansen voor de grensoverschrijdende economie, maar ook op het gebied van cultuur, recreatie, toerisme en werkgelegenheid.
Na de regio Amsterdam heeft Limburg, bijvoorbeeld, het grootste aantal banen binnen één uur reizen. Maar die banen moeten wel bereikbaar zijn en de grens kan een letterlijke belemmering zijn. Limburg is een provincie die aan beide zeiden begrensd is met aan de ene kant België en aan de andere kant Duitsland. Steden als Hasselt en Genk in Vlaanderen en Luik in Wallonië liggen, bijvoorbeeld, op een steenworp afstand van Maastricht. Ook Duitse steden als Aken, Mönchengladbach en Krefeld liggen dichtbij Nederlandse steden als Heerlen en Venlo. In België is een tekort aan docenten, in Duitsland worden bouwvakkers gevraagd. Als het ware bij ons om de hoek. Spoorverbindingen, goede (vak)taalkennis maar ook het kennen van elkaars cultuur zijn belangrijk om het over de grens werken toegankelijk te maken.
De PvdA Limburg is zich goed bewust van de grensoverschrijdende arbeidsmarkt. De openstelling van de grenzen heeft ertoe geleid dat de mensen aan beide zijden van de grens zich nog meer ‘grenslanders’ zijn gaan voelen, maar er blijven stevige barrières.  Des te belangrijker is het voor de ontwikkeling van de grensregio’s om bestaande barrières in kaart te brengen en te elimineren. Als Provinciale Statenfractie doen we dat o.a. door voortdurend aandacht te vragen voor mobiliteitsbelemmeringen en het slechten van culturele grenzen. Tijdens de begrotingsbehandeling in november dienden wij daarom een motie in om de treinverbinding tussen Heerlen en Aken op te waarderen. Daarnaast dienden we een motie in om 15 miljoen te investeren in een grensoverschrijdend cultuurprogramma –Via 2020- dat ook een impuls moet geven aan de werkgelegenheid en vrijetijdseconomie in de Zuid-Limburgse Euregio. Beide moties werden met een ruime meerderheid aangenomen.
In 2009 initieerde toenmalig PvdA-Gedeputeerde Odile Wolfs het project 'buurtaalonderwijs' dat voorzag in taallessen Frans en Duits op basisscholen. Engels kennen we allemaal, maar de taal van de buren spreken we steeds minder. PvdA-Gedeputeerde Bert Kersten breidde dit project dit jaar verder uit naar middelbare- en hogescholen. Onze Provinciale Statenfractie diende bij de begrotingsbehandeling in november een amendement in om ook taallessen aan te bieden aan Limburgse werklozen, die kansrijk zijn op de grensoverschrijdende arbeidsmarkt.. en ook naschools spelenderwijs voor kinderen. Dit amendement is met ruime meerderheid van stemmen aangenomen. Wij zijn daar ontzettend trots op, maar het werk is nog niet af. Wij blijven werken aan werken, werken aan toekomst.

Weike Medendorp
Fractievoorzitter PvdA Limburg

 

Het werkt! 10:

TIPS VOOR DE KOMENDE RAADSPERIODE

Tot besluit nog wat tips om de lokale economie en werkgelegenheid in de komende raadsperiode te stimuleren. Ze zijn ontleend aan het CLB-basisprogramma voor de gemeenteraadsverkiezingen 2014, dat te vinden is op www.lokaalbestuur.nl, onder publicaties.

Economische groei creëert banen. In veel gemeenten is sprake van een tekort aan mensen in de zorg en techniek. We moeten dat in onze gemeente samen met de partners in onze regio oplossen. Bedrijven horen zich thuis te kunnen voelen in onze gemeente. Daarom zorgen we voor een mooie gemeente, die goed bereikbaar is en waar onderwijs, overheid en bedrijfsleven nauw samenwerken. Het is belangrijk dat ondernemers kunnen ondernemen en niet verzand raken in bureaucratie.

• De PvdA wil een nauwe samenwerking met lokale en regionale ondernemers om regionale economische kansen te benutten. Wij beschermen het ondernemersklimaat. De gemeente brengt ondernemers en bedrijven bij elkaar om samen te werken aan de lokale economie.

• We zorgen voor een gunstig vestigingsklimaat en ondernemingsklimaat door het bieden van voldoende en aantrekkelijke bedrijventerreinen.

• We maken actief reclame voor onze mooie gemeente. Trots en kwaliteit staan hoog in het vaandel.

• De basis voor de detailhandel ligt in sterke winkelcentra in het centrum van een dorp, stad of wijk. Hierbij passen geen mall-achtige ontwikkelingen op bedrijventerreinen.

• Door de ruimere mogelijkheden van de Winkelsluitingstijdenwet mogen in onze gemeente de winkels ook op zondag open.

• Ondernemers die investeren in de lokale economie/samenleving krijgen bij ons een warm onthaal.

• Wij vinden het belangrijk dat er één loket is voor alle dienstverlening aan burgers en bedrijven, dat altijd bereikbaar is voor informatie, vergunningverlening en melding van calamiteiten.

• Wij maken het voor starters makkelijker om een bedrijf aan huis te beginnen bijvoorbeeld door bestemmingsplannen hiervoor te verruimen.

• Leegstaande panden worden creatieve hotspots voor jongeren, door henzelf beheerd. In die panden kunnen zij ondernemen, muziek maken, sporten of elkaar ontmoeten.

• Bij grootschalige openbare werken (bijvoorbeeld als wegen worden opengebroken) vinden wij bereikbaarheid, leefbaarheid, veiligheid en communicatie belangrijke toetscriteria zodat ondernemers en burgers niet onnodig worden gehinderd.

• Voor onze regio ontwikkelen we een strategie om de bouw, een belangrijke banenmotor, te stimuleren. We zetten alle landelijke regelingen lokaal in en maken afspraken met bouwondernemers en woningcorporaties.

• Wij vinden dat revitalisering van bestaande bedrijventerreinen vóór nieuwbouw of uitbreiding van bedrijventerreinen gaat. Leegstand op bedrijventerreinen en kantoorpanden willen we voorkomen. Voor nieuwe bedrijfspanden kan van de initiatiefnemer geëist worden oude te slopen als dit zou leiden tot nieuwe leegstand.

Foto: Nationale Beeldbank

Uit publicatie Lokaal Bestuur, Jaargang 38 nr. 2 Februari 2014
Reageer

Verder in deze uitgave van Lokaal Bestuur
Jaargang 38 nummer 2 februari 2014:

Lees deze artikelen in Lokaal Bestuur:

download pdf word nu abonnee