Deze website gebruikt cookies

Voor een volledige werking van de website worden cookies op uw computer gezet.
Daarnaast worden cookies geplaatst voor het bijhouden van bezoekersgedrag binnen Google Analytics, de werking van social media knoppen en reactiemogelijkheiden op blogberichten.
Wil je meer informatie over hoe www.lokaalbestuur.nl om gaat met uw privacy en welke cookies worden opgeslagen, lees dan ons cookiebeleid.

Inloggen mijn CLB

Friese PvdA worstelt met windmolens

Jan Chris de Boer

Veel PvdA-politici worstelen met de uitvoering van de deal die de provincies met het Rijk hebben gesloten over de plaatsing van windmolens met een gezamenlijk vermogen van tenminste 6.000 megawatt. Allemaal zijn ze voor vergroening van het energieaanbod, dat is duidelijk. Maar windmolens op het land? Daar moeten ze niet veel van hebben. ‘We moeten er voor zorgen dat er nooit weer zo’n deal wordt gemaakt’, zegt Tweede Kamerlid Lutz Jacobi. Remco van Maurik, fractievoorzitter in de Friese Staten, heeft het over ‘die krengen’, maar corrigeert zichzelf dan snel: ‘Ik bedoel die windmolens’. En Johan Langbroek, raadslid in Súdwest Fryslân, denkt zelfs dat er een grote vergissing wordt gemaakt: ‘De kans is groot dat, als die windmolens er eenmaal staan, we tot de conclusie komen dat ze helemaal niet nodig waren.’

Jacobi, Van Maurik en Langbroek zijn Friezen. In Friesland lopen de emoties soms hoog op als het over windmolens gaat. Maar daarin wijkt de provincie niet af van andere.Overal in het land worden de maatschappelijke en politieke discussies op het scherpst van de snede gevoerd. Vrijwel niemand wil windmolens in de voor- of achtertuin. Als redenen worden vooral genoemd: waardevermindering van de woning, slagschaduw, lawaai, aantasting van het landschap en de kans op rare ziekten. Alleen een aantal boeren is blij met de windmolens. Want één windmolen op hun land levert jaarlijks 80.000 tot 115.000 euro op. Daar hoeven ze niets voor te doen. Dit heeft er wel voor gezorgd dat in veel plattelandsgemeenten de boeren lijnrecht tegenover de rest van de bevolking zijn komen te staan.

Zoveel hoofden, zoveel zinnen

Verdeeldheid is er ook binnen de PvdA in Friesland. Zoveel hoofden, zoveel zinnen, lijkt het. We schetsen de situatie van begin november. Onderzoek van Fryslân foar de Wyn (ook wel de commissie-Winsemius genoemd) heeft dan uitgewezen dat er in Friesland zeven kansrijke locaties zijn voor plaatsing van windmolens: zes op het land en eentje in het IJsselmeer. Het betreft locaties waar volgens de commissie voldoende draagvlak onder de bevolking is, onder de voorwaarde dat de direct omwonenden meedelen in de winst.  Verantwoordelijk gedeputeerde Hans Konst (PvdA) maakt vervolgens bekend dat Gedeputeerde Staten het advies van de commissie niet overnemen en alleen windmolens in het IJsselmeer willen (vooral tegen de grens met Noord-Holland aan) plus één park langs de kust. Dat gebeurt met name op aandringen van de beide coalitiegenoten CDA en FNP (Fryske Nasjonale Partij), die aanvoeren dat molens in het water minder weerstand oproepen dan molens op het land.

De Statenfractie van de PvdA omarmt echter in meerderheid het voorstel van de commissie-Winsemius, maar niet uit liefde. Want zowel in het eigen verkiezingsprogramma als in het bestuursakkoord was vastgelegd dat er maximaal drie locaties zouden komen voor de windmolens. De PvdA-raadsfractie in de gemeente Súdwest Fryslân is weer tégen windmolens in het IJsselmeer. En PvdA-Kamerlid Lutz Jacobi, lange tijd in de race voor het lijsttrekkerschap bij de Statenverkiezingen van maart volgend jaar (ze werd nipt verslagen door gedeputeerde Jannewietske de Vries), liet in haar campagne steeds weten dat er wat haar betreft maar één geschikte plek is voor windmolens in Friesland: in dubbele rijen langs de Afsluitdijk.
Hoe ga je als PvdA op deze manier goed scoren, straks bij de provinciale verkiezingen?

Hoofdbrekens

Remco van Maurik is voorzitter van de Friese PvdA Statenfractie. Het windmolendossier bezorgt hem hoofdbrekens, geeft hij grif toe. ‘In de provincie is veel weerstand, al zijn er ook plekken waar bijna liefkozend over ‘onze molen’ wordt gesproken. De route die wij als PvdA moeten volgen, is duidelijk. De PvdA wil minder fossiele brandstof en dan zijn windmolens noodzakelijk. In elk geval in de overgang naar een verdere vergroening van onze energie. Voor de duurzaamheid én de toekomst van onze kinderen is die vergroening heel belangrijk. Dat wordt in alle discussies nogal eens uit het oog verloren.’
‘Onze fractie was blij met de uitkomsten van de commissie-Winsemius. Toen die werden gepresenteerd, had ik echt de gedachte: we komen er uit. Want er kan met het CDA een forse meerderheid komen voor dit advies. Dat het college die bevindingen niet overneemt, is een enorme teleurstelling. Het mooie van de aanpak van Fryslân foar de Wyn is, dat in een aantal sessies is gesproken met de bevolking en dat er draagvlak is gevonden voor 530 megawatt. Wat me als sociaaldemocraat vooral aanspreekt, is dat de direct omwonenden meedelen in de winst. Als de boer of de energiemaatschappij met de poet gaat strijken, wekt dat natuurlijk weerstand. Het belangrijkste issue was: hoe krijg je draagvlak. Op een aantal plekken is dat draagvlak er dus, volgens de commissie. Daarnaast zijn  deelname in de winst en sanering van oude windmolens goed uitgewerkt.’
‘De discussie over windmolens speelt in de hele partij. Sommige partijgenoten zeggen: concentreer alle windenergie op de Noordzee. Maar ik vind dat we als provinciale PvdA onze verantwoordelijkheid moeten nemen. Er ligt een afspraak tussen de provincies en het Rijk en die hebben we dan maar uit te voeren. Bovendien, wij zijn tegen de winning van schaliegas en tegen de ondergrondse opslag van atoomafval. Moet je dan óók nog eens tegen windmolens zijn? Waarschijnlijk hebben we ze alleen in deze overgangsfase nodig, dus ze kunnen op termijn ook weer worden afgebroken.’

Weerstand

In veel dorpen is weerstand tegen de windmolens. In hoeverre speelt dat een rol in de discussies binnen de PvdA in Friesland? ‘Ik zie natuurlijk het probleem van de sociale cohesie,’ zegt Van Maurik. Wij vragen ons ook wel eens af of we door moeten denderen met de bouw van al die windmolens. Als er voor dit moment goede alternatieven zouden zijn, zeg ik: doen. Maar die zijn nog onvoldoende ontwikkeld om zonder windenergie te kunnen. Bovendien moet je de motieven van de tegenstanders van de windmolens ook goed wegen. Als er indertijd was geluisterd naar de protesten van de boeren, was onze eerste spoorverbinding van Amsterdam naar Haarlem er nooit gekomen. Die boeren waren er van overtuigd dat door de komst van de treinverbinding hun koeien geen melk meer zouden produceren. Als je altijd naar cohesie en draagvlak gaat kijken…’. Van Maurik maakt de zin niet af en zegt dan: ‘Als het gaat om de bouw van windmolens, heb je natuurlijk wel een bepaald draagvlak nodig.’
Het Friese college heeft nu gekozen voor de plaatsing van windmolens in het IJsselmeer en voor een klein deel langs de kust. Dat ziet de voltallige gemeenteraad van Súdwest Fryslân weer niet zitten, dus ook de PvdA-fractie niet. Van Maurik: ‘Ja, de gemeente worstelt enorm met de bouw van windmolens in het IJsselmeer. Binnenkort gaan we weer praten met onze partijgenoten daar.’
In de aanloop naar de Statenverkiezingen lijkt dat ook de enige optie. ‘Die verkiezingen spelen een rol in de besluitvorming over de windmolens. Dat het CDA met de FNP is meegegaan in de keuze voor het IJsselmeer, komt door die aanstaande verkiezingen. Bij ons is er ook discussie geweest. Maar moet je wegens electorale overwegingen dingen laten? Waar staan we dan nog als partij! Het is een lastige discussie, maar we durven die aan.’

 

Kappen met die molens

Lutz Jacobi, die de strijd om het lijsttrekkerschap in Friesland met 48 tegen 52 procent verloor, is bepaald niet blij met de deal die de provincies met het Rijk hebben gemaakt. ‘De doelstelling is dat in 2020 14 procent van alle energie duurzaam wordt opgewekt. Dat daarom is gekozen voor 6.000 megawatt aan windenergie, daar ben ik niet blij mee. We moeten er voor zorgen dat er nooit weer zo’n deal tot stand komt. Want heb je het over windmolens, dan heb je het ook over kapitalistische belangen van mensen die daar heel veel geld aan gaan verdienen. Er zijn allerlei alternatieven! Energie van de zon, uit afval, uit stront. Dat is ook nog eens interessant voor de boeren. Dat zijn allemaal ontwikkelingen waar ik enthousiast van word. Voor alle duidelijkheid: ik ben niet tegen windenergie, maar ik vind de discussie die nu gevoerd wordt verschrikkelijk.’
In haar campagne voor het lijsttrekkerschap sprak Jacobi ook haar zorgen uit over het feit dat de eventuele komst van windmolens de sfeer in dorpen heeft veranderd. ‘Je merkt dat in sommige dorpen de messen zijn geslepen. Er is een deuk geslagen in de gemeenschapszin. Ik heb toen gezegd: zodra ze daar elkaar de koppen inslaan, moeten we stoppen met die windmolens. De samenhang in de dorpen is ook een punt van zorg van de Kamerfractie. Afzien van de deal van het Rijk en de provincies is geen optie. Dat is een harde afspraak. Maar we moeten dus nooit weer zo’n afspraak maken. Dat moet de PvdA ook naar voren brengen in de aanloop naar de verkiezingen. Deze opdracht uitvoeren en dan kappen met die windmolens en kiezen voor innovaties.’

Consternatie

Johan Langbroek is raadslid voor de PvdA in Súdwest Fryslân. ‘Momenteel is er veel consternatie, vooral onder de mensen langs de kust. Het collegebesluit om de molens voor het grootste deel in het IJsselmeer te plaatsen, is hier bepaald niet goed gevallen. Kijk, wij zijn niet tegen windenergie. Wij gaan akkoord met 250 megawatt langs de Afsluitdijk en nog eens 40 megawatt op de kop van de Afsluitdijk bij Zürich. Dan nemen we meer dan de helft aan megawatt dat de provincie moet leveren voor onze rekening. Maar we zijn tegen de plaatsing in het IJsselmeer. Ten eerste vanwege de natuurwaarden -  we hebben het hier over Natura-2000-gebieden - en ten tweede vanwege het toerisme. Dat is een grote inkomstenbron voor onze gemeente, er zijn ook miljoenen geïnvesteerd in de verdere ontwikkeling ervan. Maar straks is bijvoorbeeld zeilen onmogelijk door al die windmolens.’
Langbroek heeft geen goed woord over voor het besluit van Gedeputeerde Staten. ‘De beslissing van het CDA en de FNP om voor het IJsselmeer te kiezen, is visieloos. Er is gewoon gekozen voor de gemakkelijkste oplossing en het is heel jammer dat volledig voorbij is gegaan aan de uitkomsten van Fryslân foar de Wyn. Het allerergste is nog dat onze partijgenoot Konst deze uitkomst moet uitdragen en verdedigen.’

Op eigen houtje

Op 17 december nemen de Staten van Friesland een besluit over de locaties voor de windmolens. Langbroek vindt het van groot belang dat de PvdA-fracties voor die tijd één lijn kiezen. ‘We moeten niet verdeeld zijn. We hebben natuurlijk onze eigen verantwoordelijkheden, maar het is met de  verkiezingen in zicht ook belangrijk dat we met één mond spreken. Onze fractie vindt dat gekozen moet worden voor het standpunt van de commissie-Winsemius. De plaatsing van windmolens doet pijn en dan moet je er voor kiezen die pijn zo eerlijk mogelijk te verdelen.’
Evenals Jacobi plaatst Langbroek grote vraagtekens bij de overeenkomst van het Rijk met de provincies. ‘Die windmolens maken zoveel los onder de bevolking! En dat terwijl ze straks maar 2 procent van de totale energiebehoefte in Friesland dekken. Ik denk dat de kans groot is dat, als die windmolens er eenmaal staan, we tot de conclusie komen dat ze helemaal niet nodig waren. Dat we met zonnepanelen en energiebesparing zelfs meer hadden kunnen bereiken.’

Illustratie: Timothy Schelhaas

Uit publicatie Lokaal Bestuur, Jaargang 38 nr. 12 December 2014
Reageer

Gerelateerde artikelen:

Erwin Buter

De smalle marges van de gemeentelijke en provinciale duurzaamheidspolitiek

Lees artikel