Deze website gebruikt cookies

Voor een volledige werking van de website worden cookies op uw computer gezet.
Daarnaast worden cookies geplaatst voor het bijhouden van bezoekersgedrag binnen Google Analytics, de werking van social media knoppen en reactiemogelijkheiden op blogberichten.
Wil je meer informatie over hoe www.lokaalbestuur.nl om gaat met uw privacy en welke cookies worden opgeslagen, lees dan ons cookiebeleid.

Inloggen mijn CLB

#Expeditie5: De toekomst van het Drenthenieren

Mieke de Wit

De vraag naar zorg wordt groter, terwijl het aantal handen dat vrijwillig kan worden uitgestoken kleiner wordt. De oorzaak: vergrijzing. Drenthe is een provincie die hier al snel en op grote schaal mee te maken krijgt. Jongeren trekken weg en ouderen gaan er juist naartoe om te Drenthenieren. Uit cijfers blijkt dat het aantal 65-plussers in Drenthe de aankomende decennia zal groeien naar bijna een derde van de gehele bevolking. Tijdens deze vijfde Van Waarde Expeditie, een gezamenlijk project van de WBS en het CLB waarbij we langdurig onderzoeken hoe de decentralisaties zich voltrekken en wat ze betekenen voor de toekomst van de verzorgingsstaat, zijn we te gast in Drenthe. Wat betekent een in rap tempo ouder wordende bevolking voor de wijze waarop de zorg van morgen moet worden georganiseerd? Hoe houdt je met steeds minder mensen- en steeds minder geld- de enorm stijgende behoefte aan zorg op peil?

Bij het aanvangsgesprek tussen genodigden en het CLB komen meteen de termen ‘zelfredzaamheid’ en ‘eigen kracht’ ter sprake. Trendy woorden die voor veel ouderen inhoudsloos zijn, waar ze geen besef van hebben en die vaak niet meer op hen van toepassing zijn. Het eerste advies van de dag volgt al snel: hou je als gemeente niet te strak aan alle regeltjes; verbind, faciliteer en anticipeer nu op de vergrijzende toekomst!

Steunkousen: 10 minuten

Wanneer het over vergrijzing en de bijbehorende zorgvraag gaat, is het niet meteen vanzelfsprekend om met jongeren te praten. Toch zijn zij ontzettend belangrijk in een regio als Drenthe waar krimp en vergrijzing dagelijks te merken zijn.
Over één ding zijn de jongeren het meteen eens: er zijn (te) weinig faciliteiten voor hen in Drenthe. Niet alleen de levendigheid, maar vooral het scholingsaanbod in Drenthe is erg beperkt. En dat jaagt jongeren weg. Drenthe heeft alleen een pabo, Hoge Hotelschool en een mbo. Met de leerlingen van de mbo 3 opleiding Zorg en Welzijn gingen de CLB'ers uit de regio in gesprek: wat zijn hun drijfveren om in de regio te blijven of juist om weg te gaan? Een uitzondering daargelaten, wilden alle studenten graag dichtbij hun familie blijven wonen. Wanneer ze op zoek zijn naar meer levendigheid is Groningen nog een optie, maar de Randstad is te ver weg. Daarbij hebben studenten met de opleiding Zorg en Welzijn  een goede kans op een baan in deze regio, juist gezien de vergrijzing. In hun eigen omgeving voelen de studenten een grote druk door de opleiding die ze doen. Ze worden al snel gezien als dé mantelzorger van de familie.
Op de tweede centrale vraag, hoe vul jij je opleiding in en zie je de toekomst voor zorg en welzijn in de provincie Drenthe, kwam een zorgwekkender antwoord. Volgens de studenten is welzijn is geen onderdeel meer van het vak. Alle pijlen richten zich op zorg en bureaucratie. Steunkous: 10 min, wassen: 20 min! Is dat niet juist wat door de decentralisaties weggenomen moest worden? Een groot deel van de leerlingen gaf zelfs aan de opleiding Zorg en Welzijn nooit te zijn gaan doen als ze dit van tevoren hadden geweten. Maatwerk is niet mogelijk en oog voor patiënten lijkt ook een utopie gezien de tijdsverantwoording waarmee de zorgsector moet werken. De zorgsector moet in stand gehouden worden en professioneel blijven, zeggen de studenten. Leg de nadruk op professionals en niet op mantelzorgers.
In een provincie als Drenthe en in Nederland in het algemeen is dit een punt dat grote zorgen op zou moeten roepen bij de politiek. Hoe krijgen we de bureaucratie uit de zorg en welzijn weer als onderdeel van de zorg in een veelal vergrijzend land?

Herschikken van voorzieningen

Jacob Bruintjes en Bert Damming mogen we misschien wel ervaringsdeskundigen noemen op het gebied van ouder worden in Drenthe. Wonen in Drenthe is mooi, aldus beide heren, maar er moet wel ingespeeld worden op de toekomst. Een geluid dat sinds de bezuinigingen in de zorg zijn doorgevoerd in veel gemeenten doorklinkt. Het voorzieningsniveau moet op orde zijn zodat inwoners ook daadwerkelijk zelfredzaam kunnen zijn. Dit betekent een voorzieningsniveau op maat en aangepast aan de behoeften van de inwoners. Creëer bijvoorbeeld niet alleen ontmoetingsplekken maar zorg er ook voor dat deze plekken bereikbaarheid zijn en blijven. Zet niet alleen een netwerk van vrijwilligers op, maar koppel hier ook een professionals aan die als aanjager initiatieven op poten zet. Het herschikken van voorzieningen noemt Bruintjes dit. 'En daar kunnen we beter gisteren dan vandaag mee starten.'

Bureaucratische belemmeringen

Demografische veranderingen zoals in Drenthe worden bijvoorbeeld onderzocht door CMO STAMM. Volgens onderzoeker Fenna Bolding zijn de demografische veranderingen op te vangen door meer burgerkracht. De groeiende groep ‘vitale’ ouderen zorgen voor meer vrijwilligers en meer burgerkracht om zelf het voorzieningsniveau in stand houden. Dat klinkt mooi, maar in haar betoog horen we een terugkerend probleem. Inwoners die initiatieven nemen, lopen nog veel te vaak tegen de bureaucratie en het hokjesdenken van de gemeente aan. Zij nemen veelal integrale initiatieven die niet binnen schotten zijn in te passen, denk bijvoorbeeld aan een combinatie van zorg, wonen en duurzaamheid. Maar ondanks de decentralisaties zijn veel gemeenten zelf nog bureaucratisch en niet ontschot. De belemmeringen liggen dus niet bij een gebrek aan zelfredzaamheid van inwoners, maar bij het organisatorisch falen van overheden.

Vast vastgoed is niet meer van deze tijd.

Dat in een vergrijzende, maar ook snel veranderende maatschappij, het voorzieningsniveau op orde moet zijn, is evident gebleken. Maar hoe staat dit in relatie tot het maatschappelijk vastgoed dat hiervoor nodig is en inwoners in wijken verbindt? De Rijksoverheid heeft de verantwoordelijkheid en budgetten voor welzijns- zorg- en onderwijsvoorzieningen overgeheveld naar gemeenten. Kan de lokale politiek hier keuzes in maken? Volgens Jan Veuger, lector Maatschappelijk Vastgoed aan de Hanzehogeschool in Groningen, blijkt dat er bij het formuleren van de woonvisie wel degelijk keuzes gemaakt kunnen worden. Zo kun je als raadslid kijken of de betrokken woningcorporaties en overheden hun visie lokaal vertalen en of zij rekening houden met maatschappelijke veranderingen (was-als-scenario). Bovendien is het noodzakelijk dat betrokken organisaties goede voorlichting geven aan inwoners om het draagvlak te verbreden en kennis over verschillende vastgoedvormen te delen. 'Onbekend maakt dan niet langer onbemind', aldus Veuger.

Na al deze opgaven en problemen houdt professor Leo van Wissen ons aan het einde van de expeditie een positieve spiegel voor: vroeger waren mensen met veertig jaar oud en afgeleefd. Kinderen die nu het levenslicht zien worden met een aanmerkelijk hogere levenskwaliteit gemiddeld wel honderd. Daar hebben we als sociaaldemocraten keihard voor geknokt. Vergrijzing is helemaal geen probleem maar een fel bevochten zegen! 

Afbeelding: Mieke de Wit

Uit publicatie Nieuwsbrief, 9 september 2015