Deze website gebruikt cookies

Voor een volledige werking van de website worden cookies op uw computer gezet.
Daarnaast worden cookies geplaatst voor het bijhouden van bezoekersgedrag binnen Google Analytics, de werking van social media knoppen en reactiemogelijkheiden op blogberichten.
Wil je meer informatie over hoe www.lokaalbestuur.nl om gaat met uw privacy en welke cookies worden opgeslagen, lees dan ons cookiebeleid.

Inloggen mijn CLB

De onbedoelde bijeffecten van de kostendelersnorm

Jurjen Sietsema

De door het kabinet ingevoerde kostendelersnorm in de bijstand ligt onder vuur. Het idee is, dat mensen, die samenwonen en een bijstandsuitkering hebben, kosten als huur, gas en elektriciteit kunnen delenen daarom minder geld per maand nodig hebben. Een voor de hand liggend idee, maar met veel onbedoelde bijeffecten, zo blijkt uit onderzoek van onderzoeksbureau Regioplan.

In de praktijk betekent datbijstandsgerechtigden, die met één persoon samenwonen € 200 per maand worden gekort. Een bedrag, dat oploopt naarmate er meer volwassen personen in hetzelfde huis wonen. Op dit moment hebben ruim 60.000 mensen in de bijstand te maken met deze kostendelersnorm. Uit het Regioplan-onderzoek blijkt echter dat veel uitgaven helemaal niet kunnen delen en dat zij door de kostendelers hun vaste lasten nauwelijks kunnen ophoesten.

Staatssecretaris Jetta Klijnsma kan zich niet vinden in het Regioplan-onderzoek. ‘De onderzoekers hebben de inkomsten van mensen in de bijstand vergeleken met de begrotingen, die het NIBUD opstelt. Die geven alleen weer wat het NIBUD ziet als noodzakelijke kosten. Er is dus niet gekeken naar hoe mensen daadwerkelijk in hun levensonderhoud voorzien.’

Daarbij maken de onderzoekers ook de aanname dat binnen een huishouden de deelbare kosten evenredig gedeeld worden, stelt Klijnsma. Wanneer een kostendeler met iemand woont die een hoger inkomen heeft en daardoor niet in aanmerking komt voor huursubsidie, gaat Regioplan er vanuit dat de huur alsnog gelijk wordt verdeeld en niet naar rato of draagkracht. ‘Of dat ook in de praktijk zo is, blijkt niet uit de analyse.’

Tot slot gaat het rapport de mist in bij de voedseluitgaven. Voor een alleenstaande kostendeler gaat Regioplan uit van de helft van € 398 aan ondeelbare kosten. ‘Er is niet gekeken of dit in de praktijk ook ondeelbaar is.’ Dat er van het rapport volgens Klijnsma weinig klopt, betekent niet dat het kabinet niet openstaat voor verbeteringen. ‘Ik vind het altijd belangrijk om van gemeenten te horen welke knelpunten zij tegenkomen in de wetgeving. Daar kan ik dan mee aan de slag. Zo wordt er volgend jaar en in 2018 tweemaal € 75 miljoen beschikbaar gesteld voor armoedebestrijding onder ouderen. Het kabinet wil daarmee meer financiële ruimte aan gemeenten geven om ouderen in moeilijke situaties te kunnen helpen.’

Zoon onverwacht voor de deur

Desalniettemin ziet de Haagse wethouder Rabin Baldewsingh problemen ontstaan bij het toepassen van de kostendelersnorm. ‘De kostendelersnorm lijkt op papier nog wel redelijk, maar helaas is de praktijk vaak weerbarstiger. Ik zie in een aantal specifieke gevallen, dat de norm voor schrijnende situaties zorgt. Daar is bij de invoering onvoldoende aandacht voor geweest.’

Volgens Regioplan zijn vooral alleenstaanden de dupe van de norm. Janny is zo iemand. Ze is 52 en woont in een portiekflat in een stad in het oosten van het land. Ze wil haar verhaal wel kwijt, maar dan mag haar achternaam niet in het artikel. Ze zit sinds haar huwelijk bijna twintig jaar geleden strandde in de bijstand. Werken kan vanwege psychische problemen niet meer, zegt ze. ‘Ik heb na mijn scheiding wel wat baantjes in de schoonmaak en in een winkel gehad, maar dat ging niet goed.’ Tegenwoordig doet ze wat vrijwilligerswerk. ‘Als ik het kan, want ik heb snel last van spanningen en hoofdpijn.’ Zo voelt ze zich toch nog een beetje nuttig.

Janny (heeft te maken met de kostendelersnorm): 'De gedachte achter de kostendelersnorm snap ik wel, maar ik heb nu meer moeite om rond te komen.'

Een tijdje geleden stond haar 31-jarige zoon voor de deur met een tas vol spullen. ‘Zijn vriendin had hem het huis uitgezet. Nu woont hij weer bij mij. Tijdelijk, want hij heeft zich wel laten inschrijven voor een woning. Hij heeft schulden en krijgt een bijstandsuitkering.’ Toen Janny alleen woonde, kon ze redelijk tot goed rondkomen van haar uitkering. ‘Ik heb niet veel nodig. De huur is niet hoog en ik krijg huursubsidie. Van wat ik overhield kon ik zelfs een klein beetje sparen.’

Maar sinds haar zoon bij haar inwoont en ze dat heeft opgegeven bij de gemeente, wordt ze gekort op haar uitkering. Begrijpt ze dat de kostendelersnorm er is gekomen? ‘De gedachte begrijp ik op zich wel, maar ik heb nu wel meer moeite om rond te komen.’ Maar haar zoon moet toch ook bijdragen? ‘Dat klopt, maar omdat hij schulden heeft, is hij veel geld kwijt aan betalingsregelingen. Het komt er altijd weer op neer, dat ik het grootste gedeelte van de vaste lasten voor mijn rekening neem. Er blijft daardoor nog maar bitter weinig over om van te leven.’

Uitvoeringsproblemen in de Hofstad

Net als Klijnsma vindt Baldewsingh het rapport van Regioplan incompleet. Wat er bijvoorbeeld niet wordt genoemd, is het feit dat kamerhuurders ook onder de kostendelersnorm vallen. Dat moet als de huur van de kamer als niet-commercieel wordt aangemerkt. ‘Als er dan meer dan vier kamerhuurders op hetzelfde adres wonen, blijft er na aftrek van vaste lasten onvoldoende leefgeld over.’ Deze kostendelers hebben volgens Baldewsingh individuele huur- en servicekosten verplichtingen en kunnen bovendien het voordeel van een gezamenlijke huishouding niet volledig verzilveren. ‘We proberen Klijnsma er daarom van te overtuigen de kostendelersnorm voor kamerhuurders wettelijk te maximeren op 4 personen.’

Een ander voorbeeld uit de Haagse praktijk is de uitkeringsgerechtigde met een illegaal in Nederland verblijvende partner. Die valt sinds 2015 onder de kostendelersnorm. ‘Zo’n echtpaar moet nu rondkomen van een uitkering ter hoogte van 50% van de gezinsnorm. En dat is veel te weinig.’ Baldewsingh heeft daarom gebruikgemaakt van zijn bevoegdheid om de kostendelersnorm tijdelijk niet toe te passen. Bij de uitkeringsgerechtigde partner van een illegaal wordt de uitkering tot de alleenstaande norm van 70% aangevuld. Maar echt structureel is dat natuurlijk niet. ‘Ik zou graag zien, dat de uitkering in dit soort gevallen dezelfde hoogte heeft als die van een alleenstaande. Het Rijk kan dat regelen.’

Ook wordt in het onderzoek van Regioplan gewezen op een aantal maatschappelijke gevolgen van de norm, zoals de negatieve effecten op de mantelzorg en op een toename van armoede. ‘Den Haag probeert met een stevig armoedebeleid een deel van die effecten ongedaan te maken, maar we zien dat we dat helaas niet in alle gevallen kunnen,’ aldus Baldewsingh. De bevoegdheid om tijdelijk de kostendelersnorm niet toe te passen zou daarom uitgebreid moeten worden naar situaties, waarbij een aantoonbare behoefte aan structurele mantelzorg bestaat. Nu weerhoudt de norm uitkeringsgerechtigden ervan om bij mantelzorg (of noodsituaties) de woonruimte te delen. Ook al is dat maar van korte duur.

Baldewsingh: 'De kostendelersnorm is natuurlijk niet de enige oorzaak van structurele armoede, maar het helpt niet.'

‘Uiteraard is het een goede zaak, dat er in ons verkiezingsprogramma gehakt wordt gemaakt van de “mantelzorgboete” en de kostendelersnorm voor AOW’ers,’ zegt Baldewsingh. En is het eveneens een stap in de goede richting, dat het kabinet - op instigatie van de PvdA- de invoering voor AOW’ers in ieder geval tot 2019 heeft uitgesteld. Maar dat geldt dan weer niet voor mensen met een onvolledige AOW. Personen die niet hun hele leven in Nederland hebben gewoond en daardoor slechts beperkte AOW-rechten hebben opgebouwd en gebruik moeten maken van de aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO). ‘Zij vallen dus onder de kostendelersnorm, maar hebben evengoed te maken met mantelzorg aan huis. Ja, dat is natuurlijk behoorlijk inconsequent.’

Klijnsma is het daar voor een groot gedeelte mee eens. ‘Bij het vrijmaken van de tweemaal € 75 miljoen voor armoedebestrijding hebben we vooral aan de bijzondere bijstand voor die groep gedacht. Als je een onvolledige AOW-uitkering hebt, kan je via de Sociale Verzekeringsbank weliswaar een beroep doen op de algemene bijstand uit de AIO, maar ben je op de gemeente aangewezen als je bijzondere bijstand nodig hebt. Met het extra geld kunnen gemeenten juist deze groep helpen.’

De kostendelersnorm is zeker niet de enige reden dat bijstandsgerechtigden in de problemen raken, benadrukt Baldewsingh. Een onverstandig uitgavenpatroon en problemen uit het verleden spelen ook vaak een rol. ‘Maar de kostendelersnorm helpt niet. Soms is het een directe aanleiding, vaak is het één van de vele redenen.’

 

Afbeelding: Roel Visser | ANP

Uit publicatie Lokaal Bestuur, Jaargang 40 nr. 4 December 2016
Reageer

Gerelateerde artikelen:

Pablo van den Boogaard

#Expeditie2: Het ideaal van zelfredzaamheid

Lees artikel

Jacqueline Kalk

Ontzie ouderen bij extra huurverhogingen

Lees artikel

Wouter van der Schaaf

Buiten de lijntjes kleuren in Zaanstad en Eindhoven

Lees artikel