Deze website gebruikt cookies

Voor een volledige werking van de website worden cookies op uw computer gezet.
Daarnaast worden cookies geplaatst voor het bijhouden van bezoekersgedrag binnen Google Analytics, de werking van social media knoppen en reactiemogelijkheiden op blogberichten.
Wil je meer informatie over hoe www.lokaalbestuur.nl om gaat met uw privacy en welke cookies worden opgeslagen, lees dan ons cookiebeleid.

Inloggen mijn CLB

16 tips om het overschot in de Wmo- en jeugdhulp te besteden

12 november 2016

portret balsterTegen alle verwachtingen in hebben veel gemeenten in 2015 geld uit het gemeentefonds, dat bestemd was voor de Wmo en jeugdhulp, niet uitgegeven. De Haagse fractievoorzitter Martijn Balster geeft tips hoe zij hun overschot verstandig kunnen inzetten: 

1. Zorg ervoor dat de basis op orde is. Als fatsoenlijke huishoudelijke hulp, dagbesteding, hulpmiddelen, begeleiding (combinatie van zorg en schuldhulpverlening) op dit moment niet op orde zijn, moet je het geld daarin steken.

2. Garandeer dat spoedvoorzieningen ook daadwerkelijk geleverd worden. Bij het ontslag uit een ziekenhuis of revalidatiecentrum gaat nogal eens mis. Zo gebeurt het te vaak dat half verlamde mensen weer teruggaan naar een portiekwoning zonder lift. Werk daarom met buurtziekenhuizen, waar de bedden goedkoper zijn dan in reguliere ziekenhuizen en waar mensen zich rustig kunnen voorbereiden om naar huis te gaan.

3. Stel een wijkgerichte aanpak rond sociaal-economische gezondheidsverschillen samen. Benoem daarin de vijf belangrijkste prioriteiten per wijk of stadsdeel en maak daar geld voor vrij. Werk samen met verzekeraars, maar maak het sociaal wijkteam beheerder van het budget. Deze professionals kunnen dan autonoom beslissen over de inzet.

4. Investeer in de ogen en oren van de wijk. Veel problemen achter de voordeur zien we niet  en als we ze al zien is ingrijpen vaak moeilijk. Zet mensen in, die zorgmijders en verborgen problematiek op kunnen sporen. Zij zijn veel beter in staat deze mensen te helpen.

5. Vereenvoudig aanvraagformulieren en intensiveer persoonlijk contact. Digitale dienstverlening is goedkoop, maar belemmert de toegang voor laaggeletterden. Persoonlijk contact kan bovendien de hulpverlening verbeteren. Kijk daarbij niet alleen naar de cliënten, maar ook naar de belaste mantelzorgers.

6. Versterk de waakvlamfunctie. Nadat zorg verleend is en het probleem opgelost, moet je in de gaten of iemand terugvalt.

7. Regel voor keukentafelgesprekken met mensen, die het Nederlands niet machtig zijn, een tolk. Dit kan via een tolkenservice.

8. Verlaag de eigen bijdrage. Juist voor mensen met een laag inkomen is die relatief hoog.

9. Verruim door eigen bijdragen volledig mee te verzekeren de dekking van de gemeentelijke zorgverzekering voor minima. Verlaag eventueel de premie, zodat de gemeentelijke zorgverzekeringen een redelijker alternatief worden voor de goedkope, maar karige  budgetpolissen.

10. Ontwikkel programma’s voor wijkontmoetingen. Professionele dagbesteding wordt hierbij gecombineerd met de ontmoetingsfunctie van de wijk.

11. Intensiveer de hulpverlening op straat bij de maatschappelijke opvang. Vaak komen mensen, die officieel zorg aanvaarden en een status hebben, pas in aanmerking voor opvang. Hierdoor vallen steeds meer mensen buiten de boot. Zij worden ten onrechte niet geholpen. Uiteraard moet dit anders.

12. Heb meer aandacht voor cultuursensitieve zorg. Dat kan door de verbinding met gemeenschappen, die minder makkelijk praten over hulp of deze moeilijk aanvaarden, te zoeken. Zet daarbij intermediairs in en maak vraagverlegenheid bespreekbaar.

13. Intensiveer in programma’s die gericht zijn op gezonde voeding van met name kinderen.

14. Betrek huisartsen intensiever bij de wijkzorg. Gebruik om de signalering te verbeteren geanonimiseerde databestanden.

15. Vergroot de voorlichting voor, rond en na de zwangerschap, met name in Hindoestaanse en de Creoolse gemeenschap, om onnodige babysterfte te voorkomen. Zet daarbij in op centering pregnancy.

16. Kies voor een integrale aanpak: schuldhulpverlening en (Wmo)-begeleiding mogen niet los van elkaar worden georganiseerd. In 80% van de gevallen gaan ondersteuningsvragen samen met financiële problemen. Het oplossen van schulden neemt vaak een hoop zorgen en daarmee psychische problematiek weg. Zorg daarom voor voldoende expertise en werk met innovatieve methoden om schulden op te lossen.